Atlas van de poep

Jota!

1405516860
Vergroten
1405516860

De één gebruikt poep als kunst, de ander heeft poep nodig voor onderzoek. Dat laatste geldt voor Ellen Stobberingh, hoofd bacteriologie van het Academisch Ziekenhuis Maastricht. Zij leidt een onderzoek naar de resistentie van bacteriën tegen antibiotica. Dit ging meer dan tien jaar geleden van start.

Resistentie van bacteriën is een groot probleem. Dertig procent van de gezonde mensen draagt bacteriën bij zich die resistent zijn. Bacteriën kunnen zich zeer snel vermenigvuldigen. Daarbij treden mutaties in het genetisch materiaal op, waardoor bacteriën ontstaan die het antibioticum kunnen overleven. Juist deze bacteriën zullen zich voortplanten, waardoor het antibioticum op den duur niet meer werkt. Dat betekent dat ze niet meer reageren op antibiotica. Mensen kunnen daardoor aan een bacteriële infectie sterven. Stobberingh gebruikt het voorbeeld van de stafylokok die steenpuisten veroorzaakt. In Amerika en Japan zijn er mensen aan gestorven omdat ze niet meer reageren op antibiotica. Het onderzoek richt zich onder meer op een bacterie die iedereen bij zich draagt: de e-coli, die zich in de darmwand bevindt. Voor het onderzoek verzamelen de wetenschappers poep uit de hele wereld. Vaak werken studenten mee om de poep te verzamelen, wat een aantal bijzondere ervaringen opleverde.