Wat kun je leren van bamboe, wurgvijgen en bananenplanten? Ze bouwen handige en stevige structuren, met zo weinig mogelijk materiaal. Planten hebben zo nog veel meer oplossingen voor problemen waar wij ook mee worstelen.
Bij bosbranden duiken de Melanophila-kevers plotseling van alle kanten op, om te paren en eieren te leggen op het zwartgeblakerde hout. Ze vinden de juiste stek met behulp van infraroodsensoren waar wij jaloers op zijn.
Sponzen worden gezien als primitieve, simpele bodembewoners die meer op een plant dan op een dier lijken. Een van die sponzen is een superieur architect en bouwt stevige structuren in onbreekbaar glas. Steviger dan wij het kunnen maken.
Krekels, vissen en vleermuizen hebben iets gemeen. Ze kunnen waarnemen met haartjes, de gevoeligste sensoren in het dierenrijk. Allerlei wetenschappers zoeken uit hoe die werken. En proberen natuurlijk de zintuigen na te bouwen.
Zijn beste vrienden leven onder water. Al veertig jaar bestudeert Gordon Hendler stekelhuidigen en daarbij ontdekte hij er een die bedekt is met ogen. Heel bijzondere ogen.
Een vogel vliegt feilloos tussen bomen en huizen door en landt keurig op een tak. Kunnen we dat nadoen? Het eerste meeuwenvleugel-vliegtuig is al een feit, en een vliegtuigje dat loopt ook.
Zwaarder zijn dan water en er toch op lopen. Allerlei dieren kunnen dat. Daarbij vergeleken zijn de waterlopende robots van de mens stumpers. Worden ze ooit net zo gracieus en snel als het schaatsenrijdertje of de basiliskhagedis?
Het mooiste aan vlinders zijn de kleuren. Kleurstoffen alleen zijn niet genoeg om stralende tinten te maken: sommige vlinders manipuleren licht met een laagjespatroon in hun vleugels. Onderzoekers willen deze laagjes namaken.
Schroeven slijten, schepen vergaan en metaal wordt moe. Een boom kan echter onthoofd worden of takken kwijtraken, en toch groeit hij door. Zijn machineonderdelen sterker te maken door goed naar bouw van een boom te kijken?
Zweven als een albatros, dat kunnen we met onze vliegtuigen allang. Maar vliegen als een insect, daar snapten we tot voor kort niets van. Met zulke kleine vleugeltjes kán een vlieg eigenlijk niet in de lucht blijven, dachten we.
Lotusbladeren zijn altijd schoon en droog. Dankzij een patroon van nopjes zijn ze extreem waterafstotend. Door hier verf en sprays mee uit te rusten, zijn ondoordrenkbaar papier, altijd schone stropdassen en zelfreinigende gevels te maken.
Gekko’s lopen overal overheen. Het gladste glas of de steilste muur, ze vallen er niet van af. Die geheimzinnige kleefkracht hebben ze te danken aan minuscule haartjes onder hun poten.
Een slakentong lijkt op een allesverslindende transportband. Hij is bekleed met oersterke, onverslijtbare tandjes. Die zijn zo sterk dat ze zelfs rotsen kunnen vermalen. Volgens biologen kunnen baggerschepen zulke tanden goed gebruiken.
Voor lastige taken heb je vast ingewikkelde robots nodig? Chris Melhuish, robotwetenschapper, vindt van niet. Een hele club simpele robots kan hetzelfde bereiken als één complexe, dure robot. Dat die aanpak werkt, is in de natuur te zien bij mieren.
Spinrag is veel sterker dan staal, en nog rekbaar ook. Vandaar dat twee Britse onderzoekers spinrag proberen na te maken. Ze ontwikkelden daarvoor een apparaatje gebaseerd op het achterlijf van de spin.