Emotieonderzoek: een jonge wetenschap

  • Door: Kevin Widdershoven

Emotie en wetenschap. Het lijkt eigenlijk een vreemde combinatie. Emoties zijn toch spontaan, persoonlijk en slecht te controleren? Hoe kun je daar nou wetenschappelijk onderzoek naar doen? Lange tijd werd dit ook niet gedaan. Emotieonderzoek kwam pas op in de jaren ’60 en ’70.

Zoom
Prof. dr. Agneta Fischer

Vóór de jaren ’60 en ‘70 werden emoties gezien als subjectief. Iets wat niet onderzocht kan worden. Wat er in de hoofden van mensen gebeurde, werd een ‘black box’ genoemd: het was niet te bestuderen. “Dit was de tijd van het behaviorisme,” legt sociaalpsycholoog Agneta Fischer uit. “Behaviorisme stelt dat het gedrag onderzocht (en beïnvloed) kan worden. Emoties zitten in de ‘black box’ en kunnen daarom niet bestudeerd worden.”

Wat heeft emotie dan bestudeerbaar gemaakt? De psychologie probeert zo objectief en meetbaar mogelijk te onderzoeken. De opkomst van de cognitieve psychologie probeerde emotie op te splitsen in verschillende elementen. Verschillende emoties bestaan uit cognitieve, expressieve, lichamelijke en gedragselementen. Hierdoor zijn ze van elkaar te onderscheiden, maar ook te meten.

Er kan nog heel veel onderzocht worden in deze relatief jonge tak van de wetenschap. Vooral de werking van subtiele emoties en hoe emoties verschillen in een andere context. Verder is het interessant om te bestuderen wat mensen doen met emoties. Wat doe je bijvoorbeeld als je herkent dat iemand verdrietig is? Leiden tranen ertoe dat je iemand gaat helpen of juist zal negeren?

Agneta Fischer: “Het is moeilijk te zeggen of we al kennis hebben die direct toepasbaar is. Er is echter wel nuttig onderzoek naar emotieherkenning bij mensen met psychische stoornissen. Hierdoor weten we dat mensen moeite hebben met sociale interacties. Deze groepen kunnen we bijvoorbeeld trainen om er beter in te worden. Voor ‘normale’ mensen is emotieherkenning ook een belangrijk element in het sociaal functioneren. Emotieherkenning is de kern van emotionele intelligentie.”