Tamoxifen onderzoek
Onderzoekster Sabine Linn doet onderzoek naar de Tamoxifen-test. Deze test voorspeld of de homoonbehandeling met Tamoxifen aan zal slaan bij een patient.
In het Nederlands Kanker Instituut – Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis wordt veel onderzoek gedaan naar het verbeteren van behandelmethodes voor kanker. Omdat het dankzij wetenschappelijk onderzoek steeds beter lukt om de kenmerken van de tumor te bepalen, kan in sommige gevallen ook ‘voorspeld’ worden hoe de kanker zich in de toekomst zal gaan gedragen zodat daar de behandeling op aangepast kan worden.
Een dergelijk onderzoek wordt op dit moment verricht bij patiënten met borstkanker. Veel patiënten met een bepaalde hormoongevoelige vorm van borstkanker worden aanvullend behandeld met tamoxifen. Tamoxifen is een anti-oestrogeen. Dat wil zeggen dat het de werking van het vrouwelijke geslachtshormoon oestrogeen tegengaat. Bij borstkanker remt tamoxifen daardoor de groei van tumorcellen en voorkomt dat de ziekte terugkomt of er opnieuw borstkanker ontstaat.
Tamoxifen is zelf niet zo werkzaam en moet voor optimaal effect in het lichaam omgezet worden in een veel werkzamere stof. Dat lukt niet bij iedereen; bij ca 10-15% van de bevolking wordt tamoxifen niet goed omgezet. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat wanneer de tumor bepaalde eigenschappen heeft die je onder de microscoop zichtbaar kan maken, de tumorcellen niet meer gevoelig zijn voor tamoxifen. Dergelijke tumorceleigenschappen komen voor bij ongeveer 10-15% van de patiënten die tamoxifen krijgen.
Er zijn dus verschillende mogelijke oorzaken waarom tamoxifen bij een deel van de patiënten onvoldoende werkt. Om voor de start van de behandeling te kunnen bepalen welke vrouwen baat hebben bij tamoxifen, zijn onderzoekers in het NKI-AVL bezig met het ontwikkelen van een test. Op dit moment loopt in het NKI-AVL een kwaliteitscontrole van de bepaling waarbij gekeken wordt of bij vrouwen die minstens 2 maanden tamoxifen slikken, tamoxifen goed omgezet wordt in de meer werkzame stof. Als blijkt dat dit niet het geval is, is nog niet bekend of dit invloed heeft op het behandelingsresultaat van tamoxifen. Daarnaast is onbekend of de uitkomst dan beter wordt als de tamoxifen dosis wordt verdubbeld of overgestapt wordt naar een ander medicijn.
Er is dus nog veel vervolgonderzoek nodig voordat de test aan patiënten kan worden aangeboden. Tot die tijd is er nog veel onzekerheid over het nut van deze test. Patiënten die niet in het NKI-AVL behandeld worden, komen niet in aanmerking voor deelname aan de kwaliteitscontrole van de bepaling. Hieraan kunnen uitsluitend patiënten van het NKI-AVL deelnemen. Naar verwachting zal er in 2011 een landelijke studie starten voor vrouwen met borstkanker die nog niet in de overgang zijn en behandeld worden met tamoxifen na operatie. Meer informatie hierover kunt u n het eerste kwartaal van 2011 vinden op www.nki.nl
Omdat de bepalingen dus nog niet voldoende betrouwbaar zijn, kunnen ze nog niet beschikbaar worden gesteld om behandelingskeuzes op te baseren. Helaas kunnen artsen uit het NKI-AVL daarom ook geen medische vragen van in het NKI-AVL onbekende patiënten per telefoon, email of twitter beantwoorden. Vanzelfsprekend blijft uw behandelend arts de beste gesprekspartner over alle vragen die met tamoxifen behandeling te maken hebben.