Oerplant tot leven gewekt
Bloemen gekweekt uit 32 duizend jaar oude diepvriesvruchtjes

- Zoom
- Silene koekoeksbloem permafrost
- © David Gilichinsky
Koekoeksbloemen van meer dan dertigduizend jaar geleden zijn weer tot leven gewekt. Hun vruchtjes lagen diep in de Siberische permafrost verborgen dankzij ijverige knaagdiertjes.

- Zoom
- Silene stenophylla
- © David Gilichinsky
- Dit plantje is rond de 32 duizend jaar oud en is bezig vruchtbaar zaad te maken.
Permafrost, grond die blijvend bevroren is, is een opwindende speeltuin voor biologen. Ze hebben er in de afgelopen jaren al veel bacteriën, schimmels en ander microscopisch moois uitgehaald. Levende wezens uit de tijd van de mammoeten en wolharige neushoorns, soms wel honderdduizend jaar oud. En al die tijd goed gebleven omdat ze in een soort reusachtige diepvries lagen.
Met planten hadden ze tot nu toe minder geluk. Zaden zitten er weliswaar volop in de bevroren grond van Siberië, maar niemand is er ooit in geslaagd die te laten ontkiemen. Toch hebben Russische onderzoekers nu levend plantenweefsel uit de permafrost gehaald en daar in hun laboratorium bloeiende planten uit gekweekt. Je kunt dus zeggen dat die planten tussen de 31.500 en 32.100 jaar oud zijn.
In PNAS beschrijven Svetlana Yashina en collega’s wat ze gedaan hebben. Ze hadden onrijpe vruchtjes gevonden van de soort Silene stenophylla, een soort koekoeksbloem die ook nu nog in dat gebied voorkomt. Die lagen niet zomaar ergens in de grond: ze waren verborgen in holletjes van grondeekhoorns, destijds vlak onder de oppervlakte maar nu op 37 meter diepte. Waarschijnlijk hadden de dieren ze bedoeld als wintervoorraad.
70 eekhoornburchten
De vruchtjes zijn direct bevroren en nooit meer ontdooid, want de eekhoorns groeven hun holen tot aan de toen al bevroren ondergrond. De onderzoekers hebben tot nu toe 70 eekhoornburchten gevonden, waarvan ze er er ruim 30 hebben onderzocht. Die eekhoorns pakten het trouwens groot aan: in sommige kamers lagen 600 tot 800 duizend zaden en vruchten. Inmiddels hebben de biologen 38 plantensoorten in deze schatkamers op naam gebracht.
Zaden en ander plantenmateriaal kunnen onder die omstandigheden lang goed blijven, maar uiteindelijk gaan ze ten onder aan straling. Het kleine beetje achtergrondstraling dat van nature aanwezig is, beschadigt het DNA, vandaar. Onder de Siberische permafrost is die achtergrondstraling relatief laag. De grens van levensvatbaarheid zou ongeveer moeten liggen bij 32 duizend jaar, had het team berekend op basis van de straling die dadelpitten uit Bijbelse tijden hadden weerstaan.
Aan de slag dus. Met weefsel van vier soorten planten boekten de onderzoekers enig succes, dat wil zeggen dat ze tekenen van leven zagen, maar geen hele planten wisten te kweken. Een van die planten was de koekoeksbloem, en daarmee gingen ze verder. Met zaden wilde het niet lukken, maar wel met het placentale weefsel uit onrijpe vruchtjes, waaraan de zaadjes vastgehecht zaten. Dat wisten ze in bakjes kweekvloeistof tot celdeling te verleiden, waarna het ook lukte de vorming van scheuten en worteltjes op gang te brengen. Daaruit groeiden plantjes, die na verloop van tijd gingen bloeien.
Smallere blaadjes
En dan heb je dus een planten uit de oertijd, levend en wel. Ze waren goed gezond. Een vergelijking van 36 oerplanten met 29 moderne soortgenoten liet zien dat er aan de vorm van de plant zelf in die tijd niets veranderd was. De bloemetjes waren wel verschillend: de blaadjes van de 32 duizend jaar oude versie waren duidelijk smaller.
De kans lijkt groot dat er straks meer oerplanten uit de permafrost zullen herrijzen, met hulp van biologen. Spannend. Maar dieren zijn uiteraard nog opwindender, vooral als ze zo groot zijn als een mammoet.
Brengt dit onderzoek de wederopstanding van die harige olifant ook dichterbij? Niet direct. Hooguit kun je concluderen dat de natuurlijke radioactiviteit in de permafrost geen obstakel hoeft te vormen, want ingevroren mammoeten zijn meestal jonger dan dertigduizend jaar.
Toen ik onderzoeksleider David Gilichinsky per e-mail benaderde voor meer informatie, kreeg ik overigens een nare verrassing. De mail werd beantwoord door iemand anders, die me liet weten dat hij het afgelopen weekend is overleden aan de gevolgen van een zware astma-aanval, een week voor zijn 64e verjaardag. En dus ook vlak voor de publicatie van zijn fascinerende onderzoeksresultaten.