Afwijkend brein voedt verslaving

Broers en zussen van verslaafden onder de loep

  • Door: Elmar Veerman
Categories:
Brein & Gedrag
Brein verslaving
Zoom
Brein verslaving
De rode vlekken op deze scans laten hersengebieden zien die bij de verslaafden extra veel grijze stof bevatten, in de blauwe gebieden hebben ze daar juist minder van dan normaal is. Geel geeft aan waar de witte stof afwijkt bij gebruikers en hun broers en zussen.

Zijn de hersenen van verslaafden veranderd doordat ze drugs gebruiken of waren ze al afwijkend voor de verslaving begon? Het laatste lijkt het geval in een Brits onderzoek dat de hersenen van verslaafden bekeek met die van niet-verslaafde broers en zussen.

Brein verslaving
Zoom
Brein verslaving
De rode vlekken op deze scans laten hersengebieden zien die bij de verslaafden extra veel grijze stof bevatten, in de blauwe gebieden hebben ze daar juist minder van dan normaal is. Geel geeft aan waar de witte stof afwijkt bij gebruikers en hun broers en zussen.

Verslaving wordt tegenwoordig steeds meer gezien als een hersenziekte, een probleem dat zijn oorsprong heeft in het brein. Inderdaad zijn er duidelijke verschillen te zien tussen de hersenen van drugsverslaafden en gezonde proefpersonen. Vooral in het striatum en de prefrontale cortex, gebieden die betrokken zijn bij zelfbeheersing.

Maar zijn die zichtbare verschillen de oorzaak van het druggebruik, of zijn ze er juist het gevolg van? Of, wat natuurlijk ook kan, allebei? Een groep Britse neurowetenschappers toont deze week in Science aan dat sommige afwijkingen van het verslaafde brein waarschijnlijk al vooraf bestonden. Want niet-verslaafde broers en zussen hadden ze ook. Andere waren wel het gevolg van de verslaving, niet de oorzaak.

Dat sommige mensen meer aanleg voor verslaving hebben dan anderen, is natuurlijk geen nieuws. Sommige mensen zijn al vanaf hun vroege jeugd geen uitblinkers in zelfbeheersing, en zo’n karakter komt dan vaak meer in de familie voor. Aan de andere kant zijn stimulerende middelen als cocaïne en amfetamine juist zo verslavend omdat ze inwerken op de hersenstructuren die te maken hebben met beloning en zelfcontrole. Het ligt dus voor de hand dat die van vorm veranderen onder invloed van het druggebruik.

Kip en ei

Om uit te zoeken hoe het precies zit in deze kip-eikwestie, zou je het beste regelmatig hersenscans van heel veel mensen kunnen maken. En dan maar kijken wie er aan de drugs gaan. Maar ja, dat duurt lang en is erg duur. Karen Ersche en haar collega’s hebben daarom een list verzonnen. Ze hebben breinscans van vijftig verslaafden vergeleken met scans van hun broer of zus en scans van vijftig niet-verwante vrijwilligers. Met de gedachte: vinden we dezelfde afwijkingen bij de niet-verslaafde broers en zussen, dan hadden ook de drugsverslaafden die waarschijnlijk al vooraf.

Alle deelnemers gingen niet alleen de hersenscanner in, maar deden ook een gedragstest, waarbij gemeten werd hoe snel ze na een geluidsignaal konden stoppen met een simpel taakje. Uit eerder onderzoek is gebleken dat de uitkomst van die test vrij goed kan voorspellen hoe vatbaar iemand is voor verslaving. Ook was al bekend welke hersendelen belangrijk zijn om goed te scoren op deze test. Dat waren delen die deze onderzoekers met extra aandacht bekeken.

En inderdaad, ze zagen bij de broers en zussen grotendeels dezelfde afwijkingen in die gebieden als bij de verslaafden. Ook waren sommige andere gebieden beduidend kleiner vergeleken met de gezonde vrijwilligers. Dat duidt erop dat het in principe mogelijk is om op basis van een hersenscan in te schatten of iemand veel risico loopt om verslaafd te raken aan stimulerende middelen.

Puberhersenen

Zo’n verslavingsgevoelig brein vertoont opmerkelijke overeenkomsten met puberhersenen, merken de onderzoekers nog op. En ook pubers staan bekend om hun sensatiezoekende gedrag en gebrekkige impulscontrole.

Waarom zijn die verslaafden wel in de ban van de drugs geraakt en de geteste broers en zussen niet? Het kan natuurlijk puur door omstandigheden komen. Maar het zou ook kunnen dat er ergens anders in hun hersenen een rem zit, speculeren de onderzoekers. Ze willen graag uitzoeken hoe dat zit.