Kopieer de slimmerik
Over de werking van wisdom of the crowd
Is de wijsheid van de groep een optelsom van de expertise van de afzonderlijke individuen? Of worden de slimste groepsleden gewoon gekopieerd? Nieuw onderzoek wijst op dat laatste.

- Zoom
- © Ian Ransley/Flickr
- Intelligentie in actie?
De wijsheid van groepen – ‘ wisdom of the crowds’ – is sinds het gelijknamige boek uit 2004 van James Surowiecki een begrip geworden. In een notendop komt zijn argument erop neer dat een collectief van mensen vaak tot betere innovaties, ideeën en schattingen komt dan de individuen afzonderlijk. De verklaring daarvoor is eenvoudig: Ieder individu heeft zijn eigen specifieke expertise, en de combinatie daarvan heeft een meerwaarde.
Maar als je een groep mensen een schatting van iets laat maken – bijvoorbeeld hoeveel snoepjes er in een pot zitten – dan treedt er een probleem op. De gemiddelde schatting van de groep is het best als de individuen geen weet hebben van elkaars schattingen, is uit eerder onderzoek gebleken. Die situatie doet zich in de echte wereld echter zelden voor. Mensen communiceren met elkaar en hebben via internet een schat aan informatie beschikbaar. Hoe kan het dan dat groepen dan toch vaak tot accurate schattingen komen?

- Zoom
- Hoeveel snoepjes? Even 81 vrienden vragen.
Door de slimste individuen te kopiëren, suggereert nieuw onderzoek waarbij proefpersonen moesten schatten hoeveel snoepjes er in een pot zaten. Zonder enige voorkennis was de groepsintelligentie hoog, precies zoals je zou verwachten. In een groep van 81 mensen was de mediaan van alle schattingen 752, terwijl er in werkelijkheid 751 snoepjes in de pot zaten,schrijven de onderzoekers in Biology Letters.
Die score werd een stuk slechter als de wetenschappers de realiteit gingen nabootsen door de proefpersonen wat informatie te geven. Of het nu kennis over de gemiddelde schatting tot dan toe was, of willekeurige selectie van de voorgaande schattingen, de groepsintelligentie ging er flink van achteruit en de individuele schattingen werden structureel te hoog. Misschien dat het recente Labyrint-experiment ‘Wat weegt die koe’ wel aan dit euvel lijdde: deelnemers konden weliswaar informatie vergaren door te gaan Googlen wat een koe weegt, maar het was moeilijk om die informatie op waarde te schatten.
De resultaten verbeterden echter weer op het moment dat de proefpersonen de beschikking kregen over de beste schattingen tot dan toe. Niet alleen liepen de schattingen dan minder uiteen, ze kwamen ook dichter bij het werkelijke aantal snoepjes te liggen. Daarbij maakte het weinig uit hoe groot de groep precies was.
Nogal wiedes, zeg je dan misschien. Met die goede schattingen als referentie kan ik het ook. Inderdaad voelt het resultaat enigszins aan als een open deur. Maar tegelijkertijd suggereert het onderzoek wel dat wisdom of the crowd zijn betrouwbaarheid dankt aan het kopieergedrag van mensen. De resultaten zouden bovendien kunnen verklaren waarom mensen in groepen geneigd zijn om de experts te volgen. Niet alleen je eigen bijdrage wordt er beter van, ook het collectieve resultaat wint erbij.
Andrew King e.a., ‘Is the true ‘wisdom of the crowd’ to copy succesful individuals?’, in Proceedings of the Royal Society Biology Letters, 14 september 2011.