Klimaatverandering volgens de Akademie

Brochure om politiek debat feitelijker maken

  • Door: Elmar Veerman
Categories:
Aarde & Klimaat

In debatten over klimaatverandering worden feiten en fictie geregeld vermengd, constateert de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Daarom is er nu een boekje om burgers en politici op te voeden.

‘Misschien gevaarlijk, maar in ieder geval uiterst troebel’, zo kenschetst de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) de vermenging van wetenschappelijke feiten, wilde speculaties en feitelijke onzekerheden in discussies over klimaatverandering. ‘Voor de gemiddelde burger, maar ook voor beleidsmakers en politici wordt het steeds moeilijker helder voor ogen te krijgen welke argumenten valide, achterhaald, ad hoc of gewoon misleidend zijn’, lezen we in de brochure Klimaatverandering, wetenschap en debat, die gistermiddag werd aangeboden aan de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu van de Tweede Kamer.

De KNAW heeft daarin nog een keer kort wat basale feiten en onzekerheden op een rij gezet. Om te beginnen onbetwiste getallen, zoals de toename van CO2 en andere broeikasgassen in de atmosfeer, die met zekerheid door menselijke activiteiten worden veroorzaakt. De opname van een deel van het CO2 door zeeën en groeiende planten, die enerzijds de gevolgen dempt, maar anderzijds tot gevaarlijke oceaanverzuring kan leiden. En het feit dat de temperatuur op aarde de afgelopen eeuw tussen de 0,6 en 0,9 graden is gestegen, waarbij gematigde streken en de poolregio’s veel sneller opwarmden dan de tropen. Koeler werd het intussen nergens.

En dan breekt het hete hangijzer aan: de vraag naar de toekomst. Wat staat ons de komende eeuwen te wachten? Daarop krijgt de lezer niet meteen een helder antwoord. Het is namelijk complex. Om greep te krijgen op die complexiteit, maken wetenschappers computermodellen. Rekenkundige bouwsels die de werkelijkheid in simpele regels proberen te vatten. Daarover zijn veel misverstanden, dus het was geen slecht idee van de schrijvers om er een apart hoofdstuk aan te wijden.

Dat begint met de constatering dat we maar één aarde hebben, voor de wetenschap een enorme handicap. Een proef doen met honderd aardes, waarbij je de helft van extra broeikasgas voorziet en de andere helft niet, dat zou pas helderheid verschaffen! Kan niet, dus moeten simulaties uitkomst bieden. Die worden steeds beter, aldus de KNAW. Maar toch: ‘Het is en blijft denkbaar dat alle modellen die tot op heden zijn gebouwd, resultaten geven die ver zullen afwijken van de werkelijkheid van het jaar 2011. Maar ze zijn gebaseerd op de beste kennis die we nu hebben, en ze verklaren belangrijke ontwikkelingen in het klimaat van de vorige eeuw.’ En ze voorzien dat de gemiddelde wereldtemperatuur in het jaar 2100 tussen de 1,1 en 6,4 graden hoger zal zijn dan in 1990.

Wat de brochure niet vermeldt, is het feit dat tegenstanders van het internationale klimaatpanel IPCC nooit met tegenmodellen komen, simulaties die het verleden goed weergeven en desondanks een toekomst zonder catastrofale opwarming voorspellen. Zulke modellen zijn er namelijk niet. In plaats daarvan zeggen deze critici: we weten te weinig om zinnige modellen te maken. Eigenlijk zeggen ze daarmee: de kennis die er is, wensen we niet te gebruiken.

Echt interessant zou het boekje moeten worden bij hoofdstuk 5: Twistpunten en onzekerheden. Stokpaardjes van ‘klimaatsceptici’ komen hier langs, zoals mogelijke fouten in temperatuurmetingen, de rol van de zon en het de invloed van wolken. Erg helder wordt het niet, met veel enerzijds-anderzijds constructies. En niet alle bezwaren uit het klimaatdebat worden behandeld. De rol van langjarige cycli in de oceaan, die tot een overschatting van de rol van broeikasgassen kan hebben geleid, blijft bijvoorbeeld buiten beschouwing.

De KNAW wil zich duidelijk niet mengen in de discussie, maar er als ‘honest broker’ boven staan en de zindelijkheid van het debat bewaken. Een mooi streven, maar met een brochure kom je er dan niet. Het zet pas zoden aan de dijk wanneer de Akademie op z’n fluitje blaast, iedere keer als een politicus in de fout gaat.

Verder nog een kanttekening: het boekje is duidelijk geschreven voor papier, terwijl internet zo veel meer mogelijkheden biedt. Links naar aanvullende informatie ontbreken; er wordt zelfs geen enkele wetenschappelijke publicatie genoemd. We moeten de KNAW gewoon vertrouwen, is waarschijnlijk het idee. Controleren van de beweringen is niet nodig. Het is de vraag of het publiek daarin mee zal gaan, want wantrouwen tegen wetenschappers is niet ongewoon.

De brochure 'Klimaatverandering, wetenschap en debat' is hier voor iedereen te downloaden.