Het geheim van Geim

De Nobelprijswinnaar over zijn verleden en de toekomst

Andre Geim, die een beetje gebukt gaat onder alle aandacht. (Foto: Sergeom, Wikimedia)
Zoom
Andre Geim, die een beetje gebukt gaat onder alle aandacht. (Foto: Sergeom, Wikimedia)

Andre Geim, Nobelprijswinnaar van 2010 voor de natuurkunde, sprak op de FOM-dagen over hoe hij tot de Nobelprijs is gekomen. Een portret van een tegen wil en dank beroemde wetenschapper.

´De afgelopen vijftien minuten zat ik koortsachtig te denken waar ik het over zou moeten hebben. Ik vond mijn presentatie niet leuk en dus ga ik een andere doen.´ Zo opent een zwartharige, wat voorover gebogen man, zuchtend zijn presentatie voor ruim 1500 natuurkundigen. Het is André Geim, het enfant terrible van de natuurkundige gemeenschap en Nobelprijswinnaar in 2010. Vervolgens zoekt hij ten overstaan van de hele zaal minutenlang door allerlei mappen met Powerpoint-presentaties. Hij opent zijn acceptatiespeech voor de Nobelprijs en begint: ‘Beste koninginnen en hoogwaardigheidsbekleders!’

Geim is de belangrijkste spreker op de FOM-dagen in Veldhoven, waar hij een informele presentatie gaf over zijn wetenschappelijke leven. Van zijn promotie-onderzoek tot zijn Nobelprijswinnende werk. Het verhaal begint in Rusland in 1987. Hij leest zijn ontoegankelijke titel van zijn proefschrift op. Cynisch enthousiast merkt hij op: ‘Ik weet dat het interessant klinkt, maar dat was het echt niet. Daarom mijn eerste tip: Martel nooit studenten met saaie of dode projecten.’

Echt tot bloei kwam Geim toen hij verlost was van het juk van begeleidende professoren. Deze periode duidt hij aan met: “Sweet taste of freedom”. Hij gaat hij voor zichzelf aan de slag in Rusland. Hier ontdekt hij: in voormalige Sovjetstijl van absoluut niets, iets maken. Veel wat hij heeft bereikt komt voort uit deze creatieve roeien-met-de-riemen-die-je-hebt mentaliteit. Maar hij noemt nog meer aspecten die belangrijk zijn om een Nobelprijs te winnen. Heel hard werken en onderzoek doen in gebieden waar niemand nog onderzoek in doet. ‘Zo vind je altijd iets wat nog nooit eerder gezien was. Over grafeen was nog weinig gepubliceerd en de resultaten die er waren spraken elkaar op alle mogelijke manieren tegen. Toen wist ik dat ik daar onderzoek moest doen.’

De Ig-Nobelprijs die Geim gewonnen heeft voor het laten zweven van een kikker kwam ook voort uit iets nieuws onderzoeken. Hij ergerde zich aan alle claims op internet dat magneten kunnen helpen met het verwijderen van calcium uit het water. Deze helende en wonderbaarlijke, magnetische opzetstukken voor op de kraan worden en masse verkocht en er gaat veel geld in om. Op een dag dacht hij: ‘Ik had nog enorme magneten liggen die we niet gebruikten en met kleine magneten kon ik niets aantonen over die zogenaamde calcificatie. Toen heb ik gewoon een glaasje water in de magneet gegoten. Het water begon mooi te zweven als een bol. Er staan therapeutische filmpjes over op internet. Kijk daar een paar uur naar en je wordt helemaal rustig. Hoe dan ook, daar kwam het idee van de zwevende kikker vandaan.’

De zwevende kikker kreeg enorm veel aandacht - ook van dierenactivisten - maar het volgende onderzoeksproject zou Geim eeuwigdurende roem opleveren. Samen met Konstantin Novoselov liet hij bijzondere elektronische eigenschappen zien in grafeen. Het indrukwekkende is dat Geim vandaag de dag nog steeds de voorloper is en blijft op het onderzoek naar nieuwe eigenschappen in grafeen. Zoals revolutionair onderzoek naar de kleur van grafeen en reacties tussen grafeen en andere stoffen. ‘We hebben een experiment gedaan waarbij we fluoride met grafeen lieten reageren. Het vormde iets wat heel erg op teflon lijkt, maar dan veel harder. Wanneer huisvrouwen dit gaan gebruiken is dat mijns inziens veel belangrijker dan de ontdekking van de Dirac fermionen’ grapt Geim.

Inmiddels is Geim niet meer weg te denken uit kranten en tijdschriften. Hij werd de volle twee dagen in Veldhoven continu geïnterviewd door journalisten. Bijna uitsluitend over grafeen. André Geim wordt er moe van. Tijdens de Nobelprijsbijeenkomst van de Zweedse ambassadeur, op dezelfde avond als zijn voordracht, spreekt hij de afgezant van het Nobelcomité vermanend toe. ‘Kunnen jullie niet een beetje haast maken met de volgende winnaar? Ik wil mijn leven weer terug. De hele dag wordt ik belaagd door journalisten. Verschrikkelijk; studenten die binnenstormen in je kantoor en een handtekening willen en de strijd in Engeland om het een Britse Nobelprijs te maken. Iedereen wil wat van je. Ik heb nieuwe vrienden gekregen. Zelfs nieuwe familieleden.’ De hele avond maakt hij dit soort opmerkingen en het is duidelijk dat de aandacht van de Nobelprijs hem een beetje te veel wordt. Mede-Nobelprijwinnaar Gerard ’t Hooft is ook aanwezig is en vertelt dat het na een jaar wel wegebt. Geim voegt eraan toe dat hij niet kan wachten.

Tijdens een interview de volgende dag vertelt Geim wat er nu op het programma staat. Hij probeert ondanks alle aandacht hardnekkig door te gaan met onderzoek en vindt het fijn om over de toekomst te kunnen praten in plaats van stil te staan bij reeds behaalde resultaten. ‘Het is bij onderzoek altijd onmogelijk om te zeggen wat je gaat doen. Vaak weet je het niet precies omdat er dingen op je pad komen. Ik ben in ieder geval nog druk bezig met de eigenschappen van grafeen, en daar is nog genoeg aan te onderzoeken.’

Bij de vraag of de Nobelprijs alleen maar ellende veroorzaakt kan hij een glimlach niet onderdrukken. ‘Ik ben erg goed in mensen op de kast jagen’, zegt Geim, ‘De toekenning van geld voor de wetenschap is binnen de EU niet goed geregeld. Er worden rare, kunstmatige doelen gesteld en wetenschappers twijfelen of die nuttig zijn. Hoe het geld verdeeld wordt is ook erg arbitrair. Ik hoop dat ik door mijn Nobelprijs daaraan iets gedaan kan krijgen. Dat ik de bekendheid en respect, die er om een een of andere reden aanhangt, kan inzetten om beleidsveranderingen teweeg te brengen.’

Geim is nog lang niet klaar met onderzoek en zeker nog niet met grafeen. Door hard werken en niet gehinderd door het idee dat iets niet zou kunnen, heeft hij de Nobelprijs gewonnen. Er zijn tot dusver vier mensen die een tweede Nobelprijs op hun naam wisten te schrijven. Wellicht dat de vasthoudende pioniersmentaliteit van Geim dit ook voor hem mogelijk kan maken. Hij is in ieder geval de eerste Ig-Nobelprijs- en Nobelprijswinnaar, dat neemt niemand hem meer af.

Diederik Jekel