Een zee van plastic

En wat daarvan aanspoelt aan land

plastic1
Zoom
plastic1

De Beagle vaart zondag langs een drijvende vuilnisbelt van plastic en andere troep. Hoe vervuild is onze eigen Noordzee?

Militair oefenterrein. Overal prikkeldraad en camera’s. Jan Andries van Franeker stapt behendig over een afrastering en zet koers richting het strand van de Hors, het uiterst zuidelijke puntje van Texel. Op dit verlaten strand achter het defensieterrein zoekt de zeebioloog van IMARES van Wageningen Universiteit & Research naar zwerfvuil.

Alhoewel, zoeken. Net over de duinrand struikelt Van Franeker bijna over een halve strandstoel, een verweerde boei en een op het oog nog gave televisie. De stekker zit er nog aan. Langs de hele vloedlijn ligt, zover het oog reikt, een bonte verzameling van plastic voorwerpen.

Rondslingerende troep
Property of Sunblest Bakeries
, staat op de zijkant van een groene krat. Oneigenlijk bezit wordt bestraft, leest de IMARES-onderzoeker hardop voor. Spottend: “Misschien moeten wij Sunblest zelf maar eens vervolgen voor het laten rondslingeren van hun troep.”

De Noordzee is vervuild. Jaarlijks wordt naar schatting twintigduizend ton afval, waaronder veel plastic, in zee gedumpt. Daarvan zou zeventig procent zinken, vijftien procent blijven drijven, en de resterende vijftien procent zou aanspoelen op de kust. En die brandschone Nederlandse stranden dan? Die worden met grote regelmaat voor de toeristen schoongemaakt.

Boodschappentas
Maar niet de Hors. Daarom is dit stuk strand voor zeebioloog Van Franeker de ideale plek om van het aangespoelde zwerfvuil – vandaag verzameld in een op het strand gevonden boodschappentas – de herkomst te bepalen. De oogst van vandaag komt voornamelijk uit Nederland, maar ook uit onder meer Denemarken, Griekenland, Polen en Amerika.

Samen met collega’s uit andere Noordzeelanden onderzoekt de zeebioloog ook de maaginhoud van Noordse stormvogels. Deze albatrosachtige vogel leeft en eet bijna het hele jaar op zee. Het beest eet vis, garnalen en inktvissen uit het oppervlaktewater, maar ook plastic zakjes en ander vuil. Het plastic in de maag van de vogels is een uitstekende graadmeter voor de hoeveelheid plastic in de Noordzee.

Ballonkoord
“De rotzooi hier op het strand laat zien dat iedereen aan de vervuiling meedoet. Hier, drijvers uit de visserij. Daar, rubberen werkhandschoenen, een jerrycan met nog smerige chemicaliën erin, waarschijnlijk uit de scheepvaart. Maar ook dit spul”, de zeebioloog trekt een leeggelopen ballon met lint uit het zand, “Dit is het snelst groeiende type afval. Ook de consument doet vrolijk mee.”

Misschien het grootste probleem van zoveel plastic in zee is dat het onder invloed van onder meer de zon tot microscopisch kleine deeltjes uit elkaar valt. Als zeevogels of vissen dat soort stukjes eten, komen giftige stoffen vrij, zoals weekmakers en brandvertragers. Die kunnen kankerverwekkend zijn, het zenuwstelsel ontregelen of de hormoonbalans verstoren. Met de ophoping van dat soort stoffen in voedselketens op zee, ontstaat ook risico voor de mens.

Plastic fantastic
“Begrijp me niet verkeerd. Plastic is een fantastisch product”, zegt Van Franeker. “Het gaat superlang mee. Neem deze kunststof rugzak. Die heb ik al meer dan tien jaar. Of deze petfles waar ooit cola in zat. De ideale veldfles. Maar het is toch van de zotte dat we juist spul dat zo slijtvast is voor wegwerpproduct gebruiken!”

Waarom we onze troep zo makkelijk in zee dumpen, weet Van Franeker niet. “De zee is van niemand. En misschien vindt men dat de overheid verantwoordelijk is voor de schoonmaak. Kijk naar de recente stakingen van het schoonmaakpersoneel. Op stations waren de prullenbakken overvol. Mensen voelen zich dan gerechtigd om hun troep naast de vuilnisbak te dumpen, in plaats van een lege bak te zoeken.”

"Plastic soup"
Sinds de ontdekking van de gigantische drijvende vuilnisbelt van plastic in de Stille Oceaan door self made wetenschapper Charles Moore kreeg het plasticprobleem wereldwijd veel aandacht. Oplossingen volgden snel. Van plastic uit zee vissen tot het bundelen van vuil tot een bewoonbaar eiland. Even schattige als onhaalbare initiatieven, vindt Van Franeker. Realistischer is zorgen voor efficiënte ontvangstsystemen voor scheepsvuil in havens, het heffen van statiegeld op plastic artikelen en de consument aansporen om zelf wat aan de plasticvervuiling te doen.

“Lange tijd heeft een onbekende hier alle aangespoelde oranje werkhandschoenen uit de visserij op een lange rij stokken geprikt. Alleen de middelvinger omhoog gestoken”, vertelt de IMARES-onderzoeker. De boodschap is duidelijk. Toch denkt hij dat het plasticprobleem samen op te lossen is. In zijn studietijd werkte hij aan olievervuiling op zee, een volgens hem vergelijkbaar probleem. In dertig jaar tijd is daar stapsgewijs enorm succes geboekt. “Dat kan ook met plastic.”

Frederique Melman

Dit artikel verschijnt deze week ook in de VPRO-gids.

Nog meer over plastic zwerfvuil in zee? Kijk aanstaande zondag naar de serie Beagle - in het kielzog van Darwin. Uitzending: zondag 16 mei, 21.10 uur Ned 2.