Warm slangennieuws

- Zoom
- Zo 'ziet' een slang een muis. Niet met z'n ogen, maar met de warmte-sensoren voorop z'n kop. (Foto: Julius Lab, UCSF)
Biologen hebben ontrafeld hoe slangen warmte waarnemen. Ze doen dit met een onderdeeltje van hun cellen dat bij mensen een heel andere functie heeft: we voelen er pijn mee.
Slangen als adders en ratelslangen kunnen iets dat maar weinig andere dieren kunnen: heel gevoelig warmte waarnemen. En niet alleen van dichtbij; ook over een paar meter afstand. Met dit speciale zintuig kunnen ze ‘zien’ waar hun prooi is, zonder dat ze hun ogen nodig hebben. Biologen wisten al een poosje dat speciale putjes aan de voorkant van hun kop hierbij belangrijk zijn. Nu is ook opgehelderd hoe het speciale zintuig van slangen op moleculair niveau werkt.
In Nature schrijven de Amerikaan David Julius en zijn collega’s over hun uitgebreide zoektocht naar deze moleculaire basis van warmtewaarneming bij slangen. Uiteindelijk ontdekten ze dat een celonderdeeltje genaamd TRPA1 verantwoordelijk is. TRPA1 is een zogenoemde receptor; een structuur aan de buitenkant van cellen, dat een seintje geeft aan de cel als het iets waarneemt. In dit geval dus bij warmte.
Opmerkelijk is dat heel veel dieren, van insecten tot mensen, diezelfde TRPA1 receptor hebben. Maar het lijkt erop dat het bij verschillende dieren een verschillende functie heeft. Wij mensen nemen er namelijk geen warmte mee waar, maar iets heel anders: irriterende chemische stofjes, die onze cellen zouden kunnen beschadigen. Mostergas bijvoorbeeld, of een stofje dat in wasabi zit. TRPA1 wordt daarom wel de wasabi-receptor genoemd. Bij mensen zorgt deze receptor voor een pijnsignaal. Heel wat anders dus dan bij de slang, die als hij warmte waarneemt waarschijnlijk het signaal doorkrijgt: ‘lekker, voedsel!’. Of je moet gek zijn op wasabi, natuurlijk.
Nadine Böke