Pijn in je genen
Gen bepaalt hoe zeer iets doet

- Zoom
- Een gevalletje aanstelleritis? Of doet een prik bij dit kind echt meer pijn dan bij anderen?
Hoe voel je pijn? Zoals alles in je lichaam is ook de basis hiervan terug te vinden in je genen. Een bepaald gen dat samenhangt met zeldzame pijnaandoeningen, blijkt nu ook bij ‘gewone’ mensen te bepalen hoe heftig ze pijn ervaren.
‘WAAAAAA!’ Sommige kinderen gillen het uit als ze een prik krijgen. Terwijl anderen geen kik geven. Stelt zo’n gillend kind zich aan? Pijn is toch voor iedereen hetzelfde? Of doet zo’n injectie bij het ene kind echt meer zeer dan bij de ander? De vraag of pijn voor iedereen hetzelfde is, is net zo’n lastige als het aloude filosofische dilemma of iedereen de kleur rood hetzelfde ziet. Je kunt natuurlijk mensen laten aangeven hoe heftig ze hun pijn ervaren. Bijvoorbeeld op een genummerde schaal. Maar ook zo blijft pijn iets subjectiefs.
Toch leren wetenschappers steeds meer over hoe pijn werkt. Er zijn bijvoorbeeld al verschillende genen gevonden die ervoor zorgen dat je pijn kunt voelen. In PNAS van deze week schrijft een grote, internatonale groep wetenschappers over de ontdekking van een nieuw pijngen: SCN9A.
Gevoelloos
Het was al bekend dat bepaalde varianten van dit gen zeldzame pijnziektes veroorzaken. Een paar jaar geleden ontdekten artsen in Pakistan een familie met zes broertjes, die geen van allen pijn konden voelen. Dat klinkt misschien fijn, maar handig is het niet. Pijn voorkomt namelijk dat je dingen doet waardoor je je lichaam beschadigt en ziek wordt. Of sterft. De zes broertjes bleken allemaal een afwijking in het gen SCN9A te hebben, die hen dus totaal gevoelloos maakte. Twee andere bekende afwijkingen in het gen maken de ongelukkige bezitter juist supergevoelig.
Als de (zeldzame) afwijkingen in dit gen zulke grote gevolgen hebben voor hoe iemand pijn ervaart; zou het dan misschien ook bij ‘gewone’ mensen belangrijk zijn voor de pijnbeleving?, vroegen hoofdonderzoeker Geoffrey Woods en zijn collega’s zich af. Dus dat gingen ze testen. In totaal onderzochten ze 1277 mensen. Sommige daarvan hadden pijn door een bepaalde ziekte, zoals artrose of een ischias. Maar er deden ook gezonde proefpersonen mee, die pijnprikkels kregen toegediend.
Alle deelnemers moesten aangeven, op een schaal van één tot tien, hoe heftig ze hun pijn vonden. De biomedische onderzoekers analyseerden daarnaast van iedereen het vermoedelijke pijngen. En jawel: er bleek een verband te bestaan tussen welke variant van het gen je hebt en hoe heftig iets zeer doet. Zo’n 10 procent van de proefpersonen had een genvariant die hen gevoeliger maakt dan mensen die de ‘normale’, meest voorkomende genvariant hebben. Op de schaal van één tot tien scoorde hun pijn gemiddeld 0,75 punten hoger.
Piepklein verschil
En dat terwijl de afwijking in het gen die mensen gevoeliger maakt zo nietig lijkt. Het gaat om een zogenoemde puntmutatie; er is bij deze mensen maar één enkele letter in het DNA anders dan bij de ‘gewone’ versie van het gen. Maar die ene enkele ‘verkeerde’ letter zorgt er wel voor dat het eiwit waar het gen voor codeert heel anders wordt.
Deze ontdekking zou ervoor kunnen zorgen dat we in de toekomst betere pijnstillers kunnen maken, hopen de onderzoekers. Een belangrijk probleem van bestaande pijnstillers is dat ze niet voor iedereen even goed werken. Nu er steeds meer bekend is over de verschillende genen die een rol spelen bij pijn – waaronder dus die uit dit onderzoek – kunnen er misschien medicijnen op maat worden gemaakt. En kan in de toekomst iedereen de pijnstiller slikken die het beste past bij zijn genen.
Nadine Böke
Frank Reimann, Geoffrey Woods e.a., Pain perception is altered by a nucleotide polymorphism in SCN9A, in: PNAS, 8 maart 2010