Genetische cocktail bepaalt ouderdom

Gezond oud worden wordt bepaald door een specifieke genetische combinatie

Jeanne-Louise Calment in 1897 op 22-jarige leeftijd, negen jaar nadat ze Vincent van Gogh ontmoette toen hij schildersdoek kwam kopen in de winkel van haar oom.
Zoom
Jeanne-Louise Calment in 1897 op 22-jarige leeftijd, negen jaar nadat ze Vincent van Gogh ontmoette toen hij schildersdoek kwam kopen in de winkel van haar oom.

Amerikaanse onderzoekers vonden bij extreem oude mensen van over de honderd jaar een aantal specifieke genetische overeenkomsten. Het onderzoek ondersteunt de stelling dat genen een belangrijke factor zijn om gezond oud te worden. Het is zelfs de eerste stap naar een betrouwbaar voorspellingssysteem voor hoe oud je genetisch gezien kunt worden.

Iedereen wil wel een hoge leeftijd bereiken zonder kwalen. Maar hoe doe je dat? En in hoeverre heb je het in eigen hand? Onderzoekers zijn het wel eens dat gezond oud worden een combinatie is van gezond leven en goede genen. Maar waar ligt de balans? Op antwoord te vinden op die vraag, deed een team Amerikaanse onderzoekers genetisch onderzoek bij meer dan duizend mensen in de leeftijd van negentig tot 114 jaar oud. Ze bleken belangrijke genetische overeenkomsten te hebben.

Hoeveel invloed op het bereiken van een hoge leeftijd is toe te schrijven aan levensstijl en hoeveel aan sterke genen? Jeanne-Louise Calment (1875-1997), de oudste mens ooit, werd 122 jaar oud en rookte nog tot vijf jaar voor haar dood, al was het naar verluidt maar twee sigaretten per dag. Zelf schreef ze haar goede gezondheid toe aan veel olijfolie, port en een kilo chocola per week. Zoals vaak bij extreem oude mensen, zat het in de familie. Haar moeder werd 86, haar vader 94 en haar oudere broer 97 jaar oud.

Genoom
Paola Sebastiani van Boston University en haar collega’s gingen op zoek naar bewijzen voor genetische variaties die van invloed zijn op het behalen van een hoge leeftijd. Vaak gaat dat samen met een goede gezondheid. Mensen van honderd jaar of ouder krijgen doorgaans pas ver boven de negentig last van een kwakkelende gezondheid of invaliditeit. Jeanne-Louise Calment zat zelfs nog tot haar honderdste levensjaar op de fiets.

Het onderzoeksteam van Sebastiani analyseerde het genoom van meer dan duizend mensen met een leeftijd van negentig tot 114 jaar, en van een nog iets grotere controlegroep, bestaande uit een dwarsdoorsnede uit de samenleving. In Science publiceren ze deze week over hun bevindingen. Ze vonden in totaal 150 variaties in het DNA van een enkele nucleotide lang, zogenaamde single nucleotide polymorphism (SNP), die verband houden met het bereiken van een hoge leeftijd. De 150 DNA-variaties komen maar gemiddeld of weinig voor bij een algemene doorsnede van de bevolking. Maar bij extreem oude mensen zijn ze ruim vertegenwoordigd.

Voorspellend model
De onderzoekers deelden de 150 DNA-variaties in volgens negentien profielen voor het ‘genetische risico’, die vrij direct gekoppeld zijn aan een bepaalde eindleeftijd. De meest oude mensen zaten vooral in de eerste vier clusters. Meer dan vijfenzeventig procent van hen was 106 jaar of ouder. En deze vier clusters bevatten ook bijna de helft van de mensen met een leeftijd van 110 jaar of ouder. De mensen van 110 jaar of ouder hadden de meeste DNA-variaties die gekoppeld zijn aan oud worden. En ook het aantal hart- en vaatziekten en diabetes kwam bij deze groep veel minder vaak voor.

Op basis van de uitkomsten hebben de onderzoekers een model gebouwd, waarmee ze volgens eigen zeggen met tot 77 procent nauwkeurigheid de kans kunnen bepalen of iemand extreem oud kan worden. Althans, genetisch gezien. Levensstijl en omgevingsfactoren spelen uiteraard nog altijd een niet te onderschatten rol.

Paul Schilperoord

Paola Sebastiani e.a., ‘Genetic Signatures of Exceptional Longevity in Humans’, in Science, 1 juli 2010.