Milieuramp door elektronica

Ontwikkelingslanden komen om in het giftige elektronica-afval

Een verzamelplaats voor  e-waste  in Zuid-Afrika. (foto: StEP-EMPA)
Zoom
Een verzamelplaats voor e-waste in Zuid-Afrika. (foto: StEP-EMPA)

Kapotte televisies, computers en mobieltjes eindigen vaak op stortplaatsen in Afrika en Azië. Daar wordt het open en bloot kapotgeslagen en verbrand om waardevolle metalen terug te winnen. De derde wereld wordt steeds verder vergiftigd door niet alleen ons, maar vooral ook haar eigen elektronica-afval.

Loop de eerste de beste elektronicawinkel binnen en de piepkleine mp3-spelers, multifunctionele mobieltjes en megagrote platte televisieschermen stralen je tegemoet. Al deze hightech elektronica vormt een schril contrast met de middeleeuws aandoende werkplaatsen in Afrika en Azië waar veel van dat spul na een paar jaar terechtkomt.

Straatarme mensen slaan daar beeldschermen kapot en verbranden printplaten om kleine restjes goud en zilver te winnen. Wat ze zelf niet aan zwaar giftige en kankerverwekkende dampen inademen, waaiert uit over landbouwgronden en leefgebieden.

Explosieve situatie
Waar komt al dat afval vandaan? In Europa ‘verdwijnt’ ongeveer de helft van de ingezamelde elektrische en elektronische apparaten. Een aanzienlijk deel van die zogenaamde e-waste wordt vaak illegaal verscheept naar ontwikkelingslanden voor goedkope recycling of hergebruik. Maar onderzoekers van het United Nations Environment Programme (UNEP) luiden deze week de noodklok met een rapport over de explosieve toename van de eigen e-waste in ontwikkelingslanden.

De situatie is vooral kritiek in landen als China en India en in de continenten Afrika en Latijns-Amerika. Een negatief effect van hun economische groei, het grote aanbod van goedkope wegwerpproducten en een gebrek aan regelgeving en toezicht.

Zeven keer zoveel mobieltjes
Enkele voorbeelden: in 2020 zal in India het aantal mobiele telefoons verachttienvoudigen (nu 1.700 ton afval per jaar) en het aantal computers (nu 56.300 ton afval per jaar) vijf keer zo groot worden. China kampt dan met zeven keer zoveel mobieltjes en vier keer zoveel computerafval (nu 300 duizend ton per jaar). Beide landen kunnen bovendien een verdubbeling van het aantal oude tv’s verwachten (nu 1,3 miljoen ton afval voor China en 275 duizend ton voor India). En zo gaat het maar door, in alle productcategorieën en voor talloze arme landen, van Colombia tot Kenia.

‘Door de illegaliteit is het moeilijk om exacte cijfers te achterhalen, maar derdewereldlanden lijken steeds grotere problemen door hun eigen elektronica-afval te hebben’, zegt onderzoekster Mariëtte van Huijstee van de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO). SOMO is onderdeel van makeITfair en aangesloten bij het netwerk GoodElectronics. ‘Volgens een studie in India uit 2007 leverde de thuismarkt jaarlijks 320 duizend ton afval aan mobieltjes, computers en tv’s op. De hoeveelheid gedumpte elektronica uit het buitenland werd geschat op 50 duizend ton.’

Printplaten uitkoken
Waar blijft al dat afval? Vrijwel alles komt via inzamelaars terecht bij eenvoudige werkplaatsen, soms niet meer dan giftige vuilbergen langs rivieren. Daar worden de producten gedemonteerd op zoek naar waardevolle metalen, zoals goud, zilver, palladium en iridium en basismetalen zoals koper, nikkel en aluminium. De meest kostbare metalen zitten in de elektronica verwerkt.

Printplaten worden in de open lucht verbrand of ‘uitgekookt’. Goud wordt bijvoorbeeld teruggewonnen met het giftige kwik, waar goud in oplost tot een goud-kwik amalgaam. Snoeren worden in de open lucht verbrand voor het koper. Hierdoor komen giftige stoffen in de lucht, waaronder dioxineverbindingen en zware metalen zoals lood, kwik en cadmium.

Smeulende resten
‘Mensen hangen boven die smeulende elektronicarestanten en ademen alles in. Door de rook verspreiden de giftige stoffen zich bovendien over het land, en door alle rotzooi op de grond sijpelt het in het grondwater’, aldus van Huijstee.

‘Hoe dit wereldwijde probleem moet worden aangepakt is zeer complex. Wat fabrikanten zelf in Europa en de Verenigde Staten aan e-waste inzamelen wordt in principe goed verwerkt, maar het merendeel komt daar nooit terecht. Afgedankte elektronica lekt via allerlei kanalen weg en komt op legale en illegale wijze in ontwikkelingslanden terecht. Daar worden de producten gesloopt, of componenten worden hergebruikt’, vertelt van Huijstee.

‘Nu moeten de fabrikanten in Europa wettelijk minimaal 4 kg per inwoner aan e-waste inzamelen en recyclen. Maar dat geeft een prikkel om vooral zware, en niet de kleinere apparaten te recyclen. De Europese richtlijn wordt nu herzien, waarbij er hopelijk doelen worden gesteld naar gewicht in verschillende productcategorieën. Wij streven ernaar dat de regels ook rekening houden met hoe giftig een product is. En om de fabrikant financieel te stimuleren voor het ontwerpen van milieuvriendelijke producten.’

Meer geld bieden
De 27 lidstaten van de Europese Unie (EU) zijn samen nu goed voor 8,3 tot 9,1 miljoen ton e-waste per jaar. En dat neemt met 3 tot 5 procent per jaar toe. Bijna drie keer zo snel als de totale afvalstroom. Wereldwijd groeit de hoeveelheid e-waste met 40 miljoen ton per jaar.

‘In ontwikkelingslanden bestaan er nauwelijks goede recyclingfabrieken. En de paar die er zijn, krijgen geen aanvoer. Het is daarom van belang om de vele kleine inzamelaars te betrekken en ze meer geld te bieden dan op de lokale dump. Ook is er geld nodig voor de bouw van die moderne recyclingfabrieken. Dit alles in combinatie met het terugdringen en op termijn verbieden van alle giftige stoffen in de productie van elektronica’, aldus van Huijstee.

Mijnbouwoorlogen
Een goede aanpak heeft volgens het VN-rapport wel de potentie om veel problemen op te lossen. Een moderne recyclingfabriek biedt geschoolde en ongeschoolde werkgelegenheid, verbetert de leefomstandigheden, vermindert milieuschade en wint meer kostbare metalen terug dan de primitieve manier.

Daarnaast is de CO2-uitstoot van goede recycling veel lager dan die van mijnbouw om metalen te winnen. Alleen al de productie van mobiele telefoons, pc’s en laptops vergt nu 3 procent van al het goud en zilver, 13 procent van het palladium, en 15 procent van het kobalt dat jaarlijks wordt gewonnen. Bij mijnbouw zijn bovendien de werkomstandigheden zwaar en gevaarlijk. Om nog maar te zwijgen van de oorlogen die rondom mijngebieden in Afrika worden uitgevochten.

Paul Schilperoord