Afgebrand oerwoud zoek

Voor de grootschalige productie van palmolie worden in onder andere Indonesië en Maleisië enorme stukken oerwoud gekapt. Ook dit is voor de productie van algenolie niet nodig.
Zoom
Voor de grootschalige productie van palmolie worden in onder andere Indonesië en Maleisië enorme stukken oerwoud gekapt. Ook dit is voor de productie van algenolie niet nodig.

Het massale platbranden van tropisch regenwoud is niet in ijskern-data terug te vinden.

Koolmonoxide (CO) – niet te verwarren met kooldioxide, CO2 - ontstaat onder andere bij het verbranden van biomassa. Bosbranden zijn er altijd geweest, maar pas de laatste eeuw, zo is het idee, is de mens massaal begonnen met het platbranden van oerwouden in Azië en Zuid-Amerika.

Onderzoekers uit de VS en Frankrijk hebben nu uit ijskernen afkomstig van Antarctica de CO-productie in de afgelopen 650 jaar gereconstrueerd. Dat is mogelijk omdat CO, ongeacht waar het ontstaat, zich snel door de hele atmosfeer verspreidt. Het ijs op Antarctica groeit jaarlijks aan door sneeuwval, waarbij ook altijd luchtbelletjes ingesloten raken.
Wat blijkt uit hun artikel in Science Express: de verbranding van biomassa nam van 1350 tot 1600 met ongeveer de helft af, was weer terug op het oude niveau rond 1880 en begon toen weer af te nemen, met maar liefst 70% tot op de huidige dag.

Heel hard is dit resultaat overigens niet; er zijn ook andere bronnen van CO, zoals de oxidatie van methaan in de atmosfeer en niet te vergeten het gebruik van fossiele brandstoffen. Door ook de verandering in de verhouding van koolstof- en zuurstofisotopen in hun ijskernen te meten, en deze te verwerken in een model, denken de auteurs redelijk nauwkeurig onderscheid te kunnen maken tussen de diverse bronnen.

De dip in biomassa-verbranding rond de 17e eeuw komt mooi overeen met het tijdperk van de 'kleine ijstijd', een periode dat het over de hele wereld ongewoon koud was. Het ligt voor de hand dat dit samenging met langzamere groei van bossen en nattere omstandigheden op de grond. Maar de enorme bevolkingsgroei in de 20e eeuw, en het op grote schaal platbranden van tropisch oerwoud om plaats te maken voor landbouwgrond is in tegenspraak met de daling na 1880.
Misschien kwamen vroeger in ongerepte oerwouden wel veel meer bosbranden voor dan nu, maar daar speculeren de auteurs niet over.

Een potentieel zwak punt is wel, dat de ijskerndata in 1900 ophouden, kort nadat de daling in biomassa-verbranding inzet, waarna er pas weer metingen zijn vanaf 1970. Dus juist tijdens het grootste deel van de mysterieuze daling ontbreken vooralsnog gegevens.

Arnout Jaspers

Large Variations in Southern Hemisphere Biomass Burning During the Last 650 Years
Z. Wang, J. Chappellaz, K. Park, J. E. Mak