Oliewolk blijft onder water hangen

Media veel te positief over verdwijnen olie

Een deel van de gelekte olie is verbrand of verdampt, maar het meeste is onder water nog aanwezig. (Foto duncandavidson / Flickr)
Zoom
Een deel van de gelekte olie is verbrand of verdampt, maar het meeste is onder water nog aanwezig. (Foto duncandavidson / Flickr)

Waar zijn de honderden miljoenen liters olie gebleven die de afgelopen maanden de Golf van Mexico in stroomden? Grotendeels onder water. De giftige stoffen lijken daar nauwelijks afgebroken te worden.

Na maanden van slecht nieuws over de olieramp in de Golf van Mexico kwam 4 augustus als een soort bevrijdingsdag. Het lek op de zeebodem was eindelijk gedicht. Ook kwam die dag een overheidsrapport uit waarin verklaard werd dat de helft van de naar schatting 4,9 miljoen vaten olie (780 miljoen liter) was opgevangen, verbrand, opgelost of verdampt. Van de andere helft zou 26 procent nog op het oppervlak ronddrijven of zijn aangespoeld. De rest, 24 procent, zweefde volgens het rapport als minuscule druppeltjes in het zeewater. De olie in deze laatste twee categorieën ‘is momenteel bezig afgebroken te worden’, stond erin.

In de media werd deze uitkomst veelal vertaald als: 75 procent van de olie is verdwenen, dus het probleem is veel minder groot dan we dachten. Het is natuurlijk jammer om zo’n feestje te bederven, maar de werkelijkheid is niet zo rooskleurig.

Ontbrekende onderbouwing
Om te beginnen zijn er twijfels over de cijfermatige onderbouwing van het overheidsrapport. Die onderbouwing is niet vrijgegeven, ook niet na herhaaldelijk aandringen van een congreslid. Het is dus voor critici onmogelijk na te gaan waarop de schattingen gebaseerd zijn, en of ze realistisch zijn.

Deze week is er wel een ander rapport uitgekomen, waarin zeebioloog Charles Hopkinson de bevindingen beschrijft van een groep experts, die hij heeft laten kijken naar het overheidsrapport en de berichten in de media. De experts rekenden voor dat tussen de 70 en 79 procent van de gelekte olie juist nog in de Golf van Mexico aanwezig moet zijn.

De opgevangen olie rekenen ze daarbij overigens niet mee, want die is nooit in het water terechtgekomen. ‘Een van de belangrijkste misconcepties is dat olie verdwenen en dus onschadelijk is als die opgelost is in water,’aldus Hopkinson. ‘Die olie is er nog, en zal waarschijnlijk jaren nodig hebben om helemaal afgebroken te worden. We weten nog lang niet alles over de gevolgen die dat zal hebben.’ In het rapport staat ook dat het juist de giftigste stoffen zijn die het moeilijkst afbreekbaar zijn.

Diep onder water
Over de gevolgen voor het zeeleven kunnen onderzoekers van het Woods Hole Oceanographic Institution ook nog weinig zeggen, maar ze geven vandaag in Science wel een beeld van de toestand diep onder water. ‘Onze bevindingen wijzen op de aanwezigheid van een onafgebroken oliepluim van meer dan 35 kilometer lengte, op ongeveer 1100 meter diepte, die maanden standhield zonder aanwijsbare biologische afbraak,’ schrijven ze. Hoe veel meer dan 35 kilometer de olie reikt, kunnen ze niet zeggen, want daar hebben ze niet gemeten.

Ze deden hun metingen met een onbemand onderzeebootje en een apparaat aan een touw, dat vanaf een schip werd bediend. Beide waren voorzien van een massaspectrometer ter grootte van een schoenendoos, die de concentraties van tien koolwaterstoffen duizenden keren heeft gemeten.

Zuurstof
Daaronder waren de beruchte gifstoffen benzeen, tolueen en ethylbenzeen. Denk trouwens niet dat het zeewater er daardoor als dikke stroop uitziet; het water is helder en stinkt niet naar olie, aldus onderzoeker Christopher Reddy.

Vanwege de chemische samenstelling en de hoeveelheid staat vast dat deze onderzeese oliewolk uit het lek van de Deep Water Horizon-put afkomstig is. Uit de zuurstofniveaus bleek dat van biologische afbraak niet of nauwelijks sprake was.

Waarschijnlijk blijft de olie dus nog maanden of jaren in het zeewater hangen. Dat heeft ook een voordeel: ‘Dit wijst erop dat, áls de koolwaterstoffen biologisch afgebroken kunnen worden, het vele maanden in kan duren voordat micro-organismen de oliepluim zo ver hebben afgebroken dat er gebieden met zuurstoftekort zullen ontstaan die zo ernstig zijn dat de visserij in de Golf erdoor bedreigd wordt.’ Het zou wel kunnen dat de giftige koolwaterstoffen zich in vissen en schaaldieren ophopen en op die manier de visserij bedreigen, maar daarover laten de onderzoekers zich in dit artikel niet uit.

Elmar Veerman

Richard Camilli e.a.: ‘Tracking hydrocarbon plume transport and biodegradation at Deepwater Horizon’, Sciencexpress, 19 augustus 2010