Nieuwe tussenmens uit Afrika

Nog geen twee miljoen jaar oude Australopithecus met Homo-trekjes

De schedel van de jongen. Vanwege de kwetsbaarheid ervan en om een deel van het gesteente voor toekomstig onderzoek te bewaren, is hij niet helemaal uit de rots bevrijd. (Foto Brett Eloff/Lee Berger/ Univ. Witwatersrand)
Zoom
De schedel van de jongen. Vanwege de kwetsbaarheid ervan en om een deel van het gesteente voor toekomstig onderzoek te bewaren, is hij niet helemaal uit de rots bevrijd. (Foto Brett Eloff/Lee Berger/ Univ. Witwatersrand)

In Zuid-Afrika is een overgangsvorm gevonden tussen de vroege aapmensen van de Australopithecus-familie en de latere Homo’s. Voorouders van ons, of zijn de fossielen daar te jong voor?

Ze zagen hun einde niet aankomen. Wat er gebeurd is, zal nooit helemaal duidelijk worden, maar het lijkt erop dat de vrouw en de jongen op zoek waren naar water, toen ze de grot betraden. Waarschijnlijk geleden ze uit en maakten ze een fatale smak op de bodem, vele meters dieper.
 
Hun lichamen bleven maar kort liggen, hooguit een paar weken, voordat ze met een plotselinge waterstroom werden meegevoerd naar een poel. Daar werden hun stoffelijke resten vrijwel direct in hard wordend sediment verpakt, samen met de overblijfselen van onder meer antilopen, konijnen, muizen, hyena’s en een sabeltandtijger.
 
Dit drama vond plaats in wat nu de Grootvleispruit-vallei is Zuid-Afrika, ergens tussen de 1,95 en 1,74 miljoen jaar geleden. De vrouw en de jongen waren elk zo’n 1 meter 27 lang, schatten de ontdekkers van hun gefossiliseerde botten. Moderne mensen waren het natuurlijk niet. Ze krijgen een eigen soortnaam in de Science-artikelen die deze week aan ze gewijd zijn: Australopithecus sediba. Het is een bijzonder belangrijke vondst.

Toepasselijke naam
Sediba betekent bron of waterput in het Sotho, de taal van het gebied. Dat vindt professor Lee Berger van de universiteit van Witwatersrand (Johannesburg, Zuid-Afrika) een toepasselijke naam. Vanwege de vindplaats, maar ook vanwege unieke positie van deze soort. Australopithecus sediba zou wel eens aan de basis kunnen staan van het geslacht Homo, waartoe ook de moderne mens behoort, claimen Berger en zijn collega’s.
 
Dat is een wat problematische claim, waarover straks meer. Eerst de skeletten. Ze zijn gevonden dankzij Google Earth, onthult de universiteit van Witwatersrand in een persbericht. Niet dat je zulke botten op satellietfoto’s kunt zien liggen natuurlijk, maar die beelden hielpen Berger wel om nieuwe grotten te vinden in een gebied dat al sinds 1935 intensief wordt uitgekamd door bottenjagers. Hij ontdekte door naar steenstructuren en vegetatie te kijken bijna vijfhonderd nieuwe grotten en ex-grotten.
 
Op één van die plekken, inmiddels geen echte grot meer, ging hij op 15 augustus 2008 kijken met een student en zijn negenjarige zoon Matthew. De jongen had binnen een paar minuten een sleutelbeen te pakken, dat later van de jonge Australopithecus bleek te zijn. Grappig detail: misschien was de eigenaar van het bot toen hij stierf even oud als Matthew tijdens de vondst. In ontwikkeling was hij zo ver als een twaalf à dertienjarige moderne mens, maar de meeste paleontologen gaan ervan uit dat vroege menssoorten zich sneller ontwikkelden dan wij.
 
NIets menselijks
Zelf vond Berger die dag een kaak met een hoektand. Drie weken later kwam hij terug met een dozijn collega’s. Tot hun teleurstelling vonden ze wel dierenbotten, maar niets menselijks rond de plaats van de eerdere vondsten. Uit het persbericht: “Toen de groep rond half elf een theepauze nam, ging prof. Berger naar een kuil in het midden van de site en zag een bot uit de rotsen steken dat duidelijk het opperarmbeen van een mensachtige was. Verbijsterd ging hij het gat in en realiseerde zich dat er een schouderblad aan vast zat. En toen hij zijn hand tegen de wand zette, vielen twee mensentanden letterlijk in zijn hand.” Hij had de resten van de vrouw gevonden.
 
Later doken meer botten op, waaronder de schedel van de jongen. De twee skeletten zijn niet compleet, maar wel grotendeels gearticuleerd, wat betekent dat de botten op logische plaatsen ten opzichte van elkaar in de rotsen zaten. En dat betekent weer dat er nog weefsel omheen zat toen ze in de modder opgesloten raakten. Het levert extra informatie op over de bouw van deze vroege mensen.

Moderne heupen
En die is bijzonder. Ze hadden relatief lange armen, als een chimpansee, met korte, krachtige handen. Maar hun heupen waren erg modern, dat wil zeggen: heel geschikt om mee rechtop te lopen. Ook hun relatief lange benen wijzen daarop. Qua bouw houden de skeletten het midden tussen Australopitecus, de vroege mensachtige waarvan inmiddels al zes andere soorten zijn beschreven, en het geslacht Homo, de mensentak die uit een van die soorten (of een andere) zou zijn voortgekomen. De schedel is Australopithecus-achtig van formaat (de inhoud zal zo’n 420 cc zijn geweest, terwijl dat bij het geslacht Homo minimaal 600 cc was) maar heeft relatief kleine, moderne tanden.
 
De trotse ontdekkers gaan niet zo ver dat ze beweren dat dit een voorouder van de moderne mens is, maar suggereren het wel. De nieuwe soort “is een mogelijke kandidaat” om voorouder te zijn van het geslacht Homo, schrijven ze. Wat daarbij in de weg zit, is de leeftijd van de fossielen. Met verschillende dateringsmethoden is die vastgesteld op hooguit 1,95 miljoen jaar. Dat is maar net iets ouder dan de botten en schedels die in Georgië zijn gevonden. En die zijn van een mensachtige die nog iets meer Homo was.
 
“Het is onwaarschijnlijk dat Malapa (de vindplaats – EV) de eerste of de laatste verschijning van Australopithecus sediba vertegenwoordigt”, schrijven Berger en zijn collega’s om zich hieruit te redden. “Noch zegt dit iets over de geografische spreiding die de soort gekend heeft.” En dus, gaan ze verder, kan het best zo zijn dat niet deze individuen, maar wel deze mensensoort aan de basis heeft gestaan van de ontwikkeling die uiteindelijk heeft geleid tot het ontstaan van de moderne mens.
 
Elmar Veerman
 
Lee R. Berger e.a.: ‘Australopithecus sediba: a new species of Homo-like Australopith from South Africa’, Science, 10 april 2010