Groenlands ijs: de feiten

Smeltend landijs nu even belangrijk als snellere gletsjers

Dit is de Groenlandse Helheim-gletsjer, waar ijs in zee stort. Foto Steve Morgan
Zoom
Dit is de Groenlandse Helheim-gletsjer, waar ijs in zee stort. Foto Steve Morgan

Groenland verloor de afgelopen jaren steeds sneller ijs, terwijl het er toch fors meer is gaan sneeuwen. Het merendeel verdwijnt als wegstromend smeltwater, de rest glijdt als ijs de zee in.

Als al het ijs op Groenland verdwijnt, gaat de zeespiegel zeven meter omhoog. In het huidige tempo zou dat vijftienduizend jaar duren, tenminste als je afgaat op de periode van 2000 tot en met 2008. Toen droeg het ijsverlies van dit reuzeneiland gemiddeld 0,46 millimeter per jaar bij aan de zeespiegelstijging.

Helaas is het tempo niet constant. Sinds 2006 gaat het om 0,75 millimeter per jaar, aldus een team van voornamelijk Nederlandse onderzoekers in Science. Ze hebben als eerste een sluitende ‘ijsbegroting’ van Groenland gemaakt, en die laat zien dat er in tien jaar tijd enorme veranderingen zijn opgetreden.

“De zwaartekrachtsatelliet GRACE doet sinds 2002 massametingen aan Groenland”, vertelt onderzoeksleider Michiel van den Broeke. Hij is hoogleraar polaire meteorologie in Utrecht en doet al twintig jaar onderzoek naar de Groenlandse ijskap. “Die satellietmetingen vertellen wel hoe veel ijs er verdwenen is, maar niet op welke manier.”

IJsbergen
IJs kan verdampen, als vloeibaar water in zee lopen of via gletsjers wegstromen en dan in de vorm van ijsbergen wegdrijven. Tot nu toe was niet goed duidelijk wat elk van die processen bijdroeg aan het ijsverlies, zegt Van den Broeke, al was wel zeker dat het verdampen relatief weinig voorstelt.

Met zijn collega’s vergeleek hij de cijfers van de zwaartekrachtsatelliet met een computermodel dat het gedrag van het ijs tussen 1958 en 2008 simuleert. De uitkomsten van dat model kloppen met allerlei waarnemingen, benadrukt de meteoroloog. “Onder meer vijfhonderd ijsboringen, die lieten zien hoe veel sneeuw er was gevallen, en heel veel metingen aan de stroomsnelheden van gletsjers.”

De hoeveelheid verdwenen ijs volgens het model, 1500 miljard ton in totaal, stemt ook heel goed overeen met de cijfers van de zwaartekrachtsatelliet, inclusief seizoensvariaties. De grafieken lopen parallel, terwijl model en satelliet totaal onafhankelijk van elkaar zijn. En dus, zegt Van den Broeke, is het heel waarschijnlijk dat het model de werkelijkheid dicht benadert.

Wat zijn de belangrijkste conclusies? De grafieken in Science laten zien, dat afkalvend ijs en de optelsom van neerslag en afvloeiend smeltwater allebei even veel schuld hebben. Ieder heeft ongeveer 750 miljard ton ijs zoekgemaakt.

Meer sneeuw
De oorzaak is in ieder geval niet dat het minder is gaan sneeuwen, want er viel juist veel meer. Tussen 1996 en 2004 viel er 800 miljard ton extra neerslag. Tegelijkertijd nam het smelten ongeveer net zo veel toe, dus het netto effect was nul. Na 2004 verminderde de neerslag weer, maar bleef het smeltwater toenemen. Daardoor verdween in vier jaar tijd 750 miljard ton ijs.

“Er smelt elke zomer ijs, dat is normaal”, vertelt Van den Broeke. “Maar de laatste tijd gaat het veel harder. En er komt nog iets bij. Een deel van het smeltwater is omlaag gezakt en daar weer bevroren. Sinds 1996 gaat het om 600 miljard ton, blijkt uit onze berekeningen. Dat heeft kou onttrokken aan de onderliggende pakken samengeperste sneeuw, de firnlaag noemen we die. En wel zo veel dat die laag in heel Groenland gemiddeld één graad moet zijn opgewarmd.”

Maar het smeltwater is lokaal geconcentreerd, en dus is de opwarming dat ook. Volgens het model is de firnlaag plaatselijk met meer dan tien graden warmer geworden. Nog niet genoeg om te smelten, maar dat punt komt natuurlijk wel dichterbij.

Constante snelheid
Afkalvend ijs aan de randen van gletsjers is verantwoordelijk voor de andere 750 miljard ton. Dat afkalven ging tussen 2000 en 2004 steeds sneller, maar is sinds dat jaar opmerkelijk constant gebleven.

Over de oorzaken van dit alles zeggen Van den Broeke en zijn collega’s in hun artikel niets. “We hebben het woord klimaatverandering bewust niet gebruikt, want we willen hier alleen de feiten weergeven. Toekomstvoorspellingen doen we daarom ook niet.”

Nog niet. Want, voegt hij toe, deze nieuwe feiten zullen helpen om klimaatvoorspellingen betrouwbaarder te maken. In feite hoef je alleen het klimaatmodel langer door te laten rekenen. “Natuurlijk werken we daar al aan.”

Elmar Veerman

Michiel van den Broeke e.a.: ‘Partitioning recent Greenland mass loss’, Science, 13 november 2009