Mexicaanse griep officieel pandemie

WHO: ‘Verdere verspreiding onvermijdelijk’

Margaret Chan, WHO:
Zoom
Margaret Chan, WHO: "We staan aan het begin van een pandemie".

De wereldgezondheidsorganisatie WHO heeft vandaag alarmfase 6 uitgeroepen voor de Mexicaanse griep. Daarmee is er, voor het eerst in 41 jaar, officieel sprake van een pandemie: een wereldwijde epidemie.

Een verrassing is het niet, het nieuws van de wereldgezondheidsorganisatie, want de Mexicaanse griep voldoet al een tijdje aan de kenmerken van alarmfase 6. De ziekte is van mens op mens overdraagbaar - dat was al zo, bij alarmfase 5 -  en heeft zich in 'meer dan twee landen’ in 'meer dan één regio', verspreid. En ook dat was al een tijdje zo: de ziekte heerst nu in 74 landen.

Roel Coutinho, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM, reageert dan ook tamelijk lakoniek op het nieuws. “Het is eigenlijk niet zo bijzonder,” zei Coutinho eerder vandaag in het Radio-1-Journaal. “Het zegt vooral iets over de snelheid waarmee het virus zich over de aardbol verspreidt, en niets over de ernst van de ziekte.” Juist daarom ook pleitten een aantal landen, waaronder Groot-Brittanië en Japan, vorige maand nog voor een andere manier om griepepidemieën te beoordelen. Niet de snelheid waarmee het virus zich over de aarde verspreidt, maar de ernst van de ziekte zou daarbij voorop moeten.

En tot nog toe is het Mexicaanse H1N1-virus niet erg dodelijk. Wereldwijd zijn er zo’n 30.000 mensen met het virus besmet geraakt, waarvan er 144 aan de ziekte zijn overleden: een half procent. De meeste mensen herstellen, ook zonder medicijnen. “Een milde griep,” noemt Coutinho de Mexicaanse griep. “De sterfte is ietsjes hoger dan die van een normale seizoensgriep, maar zeker niet zo hoog als bij de Spaanse Griep van 1918.” Daarbij raakte, naar schatting, eenderde van de wereldbevolking besmet. In 10 tot 20 procent van de gevallen leidde dat tot de dood.

Paniekzaaierij dus, alarmfase 6? Dat valt nog te bezien. De Mexicaanse variant van het H1N1-virus duikt nu voor het eerst bij mensen op. Het is daarom niet te voorspellen hoe het zich in de toekomst gaat gedragen. Griepvirussen zijn berucht om hun snelle evolutie, en het zou zomaar kunnen dat het milde virus muteert in een gevaarlijker variant. Ook reden tot zorg is het feit dat relatief jonge mensen, tussen de 30 en 50, aan de ziekte bezwijken. De meeste griepvirussen maken vooral slachtoffers onder bevolkingsgroepen die toch al kwetsbaar zijn, zoals heel jonge kinderen en ouderen.  Alle reden dus om het virus goed in de gaten te houden, want voorlopig is het de wereld nog niet uit. “Verdere verspreiding is onvermijdelijk,” zei Margaret Chan, directeur-generaal van de WHO in Genève, vanmiddag tijdens de persconferentie.

De mens heeft evenwel een aardige voorsprong op het virus, meent Chan. "Nog nooit is een pandemie in zo'n vroeg stadium vastgesteld en zo nauwlettend in de gaten gehouden.” Extra maatregelen, zoals het sluiten van landsgrenzen of het uitvaardigen van reisbeperkingen, zijn volgens de WHO dan ook niet nodig.

Ook in Nederland leidt het afkondigen van alarmfase 6 niet tot extra maatregelen, zegt Coutinho van het RIVM. Tot nu toe zijn 35 mensen met het virus besmet. De meesten hebben de ziekte meegenomen van een verblijf in het buitenland. In twee gevallen is het virus in ons land van mens tot mens overgedragen: een anderhalf jaar oud kind kreeg het virus van haar vader die het op zijn beurt opliep in de VS, en een 18-jarige vrouw werd door een teruggekeerde collega besmet.

“We volgen het natuurlijk op de voet,” zegt viroloog Ab Osterhaus. “De komende tijd zullen er elke dag nieuwe besmettingen bijkomen, maar dat is geen reden tot zorg. Er zijn voldoende antivirale middelen beschikbaar voor eenderde van de bevolking, en het vaccin tegen het virus is besteld. “ De eerste vaccins verwacht Osterhaus in oktober of november van dit jaar, ruim op tijd voor de herfst. En om het allemaal nog eens in perspectief te zetten: “Vergeet niet dat er wereldwijd jaarlijks zo’n 250.000 tot 500.000 mensen overlijden aan de gewone wintergriep. “

Jacqueline de Vree