Dageraad

Prettig leesvoer met een gewaagde conclusie.
Zoom
Prettig leesvoer met een gewaagde conclusie.

Komende zondag in VPRO's boekenprogramma: wetenschapsjournalist Rik Smits. Hij schreef een boek over het ontstaan van taal.

"Uitdagende visie op het ontstaan van taal", staat er prominent op de achterkant van Dageraad - Hoe taal de mens maakte. En inderdaad, de conclusie van het boek zal wel wat wenkbrauwen doen fronsen. Smits beschrijft de lange evolutionaire weg die de mens heeft moeten afleggen om te worden wat hij nu is: een wezen dat met speels gemak vele duizenden woorden leert hanteren.

Dat doet hij erg boeiend, maar mij bekroop al snel het gevoel dat hij de vermogens van dieren en vroege mensen systematisch onderschat. Gebrek aan bewijs voor taal is nog geen bewijs van gebrek. Smits schrijft: "Landbouw is de eerste culturele verworvenheid waarvoor echt meer vermogens nodig zijn dan een goed geheugen, wat algemene intelligentie en goed afkijken. De landbouw is meerdere keren onafhankelijk van elkaar en op verschillende plaatsen uitgevonden, maar de oerboeren in de Vruchtbare Halvemaan waren de eersten. Zij zijn daarmee de oudsten die aanwijsbaar over een echt en compleet modern taalvermogen beschikt moeten hebben. Het was dat vermogen dat naast het juiste soort abstract denken ook de ontwikkeling van echte talen mogelijk maakte, en uiteindelijk de hele menselijke beschaving tot gevolg had."

Dus de Aboriginals in Australië, die waarschijnlijk veertigduizend jaar gescheiden van de rest van de mensheid hebben doorgebracht, hebben geen echte talen? Nee, zo ligt het volgens Smits niet, omdat hij ervan uitgaat dat de mensen die veertigduizend jaar geleden rondliepen in Australië, niet verwant zijn aan de huidige Aboriginals. Daar leek inderdaad genetisch bewijs voor, maar dat is ontzenuwd. Dus het blijft een open vraag.

Elmar Veerman

Naschrift: de uitzending is pas volgende week zondag