Nieuwe aanval op de hobbit
Eindelijk een passende ziekte voor de dwerg van Flores?

- Zoom
- De 'endocast' (hersenafdruk) van Homo floresiensis, afgeleid uit CT-scans en rood ingekleurd.
Zijn de fossiele botten die in 2003 op het Indonesische eiland Flores zijn gevonden dan tóch van zieke moderne mensen? Australische onderzoekers menen dat een combinatie van jodiumgebrek en vergiftiging met cyanide alle afwijkingen kan verklaren. Niks aparte soort dus. Maar er klinkt meteen veel kritiek.
Direct nadat Homo floresiensis aan de wereld werd gepresenteerd, in oktober 2004, werd die ontdekking betwist. De ontdekkers meenden dat de botten die ze het jaar daarvoor in een grot op het eiland Flores hadden gevonden, van een tot dan toe onbekende soort dwergmens waren, die tot twaalfduizend jaar geleden op Flores moest hebben geleefd. Maar critici deden de botten af als overblijfselen van gewone mensen met aangeboren afwijkingen.
De ontwikkelingsstoornis microcefalie (‘kleinhoofdigheid’) zou de bijzonder kleine schedelinhoud en de kleine afmetingen van deze ‘hobbit’ kunnen verklaren, betoogden zij. Maar die theorie werd met goede argumenten tegengesproken. De vorm van de enige gevonden schedel lijkt niet op die van een microcefaal en ook andere botten pasten eerder bij primitieve menssoorten dan bij de moderne mens.
Dat de hobbit in werkelijkheid een microcefaaltje was, wordt onder paleontologen dus niet meer zo waarschijnlijk geacht. Maar nu duikt er een nieuwe theorie op. Drie Australische wetenschappers leggen in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B uit waarom zij het waarschijnlijk achten dat een andere aangeboren afwijking de verklaring is voor de alle rare kenmerken van de botten.
Aangeboren, maar niet erfelijk. Het zou gaan om ‘myxoedemateus endemisch cretinisme’, vrij vertaald: een veel onder de plaatselijke bevolking voorkomende vorm van dwerggroei en achterlijkheid, veroorzaakt door een niet werkende schildklier. Dat zou op zijn beurt het gevolg zijn van een combinatie van jodiumgebrek, seleniumgebrek en een overmaat aan het plantengif thiocyanaat, opperen Peter Obendorf, Charles Oxnard en Ben Kefford.
In hun artikel vergelijken ze de kenmerken van LB1, het meest complete hobbitskelet, met beschreven gevallen van dit cretinisme. Zelf hebben ze geen bot aangeraakt bij die vergelijkingen; het was allemaal papierwerk, deels op basis van foto’s.
Ze beginnen bij de lengte. De hobbit zou net iets langer dan een meter zijn geweest. Cretinisme zorgt meestal voor een lichaam dat ongeveer 70 procent van de normale lengte heeft. Aangezien de lokale bevolking op Flores gemiddeld ongeveer 1 meter 60 meet, klopt dat goed.
Dan de schedel. Die van LB1 is asymmetrisch, de neuswortel is extra breed, de kin ontbreekt, de tanden zijn relatief groot en sommige zijn vreemd van vorm. Dat zijn allemaal verschijnselen die voorkomen bij lijders aan cretinisme. Hun tanden groeien, in tegenstelling tot hun lichaam, wel normaal en zijn daarom relatief groot. Vaak verliezen deze kleine mensen niet al hun melktanden. De vreemde tanden van de hobbit kunnen heel goed melktanden zijn, menen de onderzoekers.
Een belangrijk onderscheidend kenmerk van de hobbit was natuurlijk ook zijn kleine brein, niet meer dan 417 milliliter groot, terwijl een normaal mens minstens een liter hersenen heeft. Cretinisme zorgt voor kleine breinen, maar zó klein waren ze nog niet gezien. Dat zou deels kunnen komen doordat de plaatselijke bevolking vrij kleine hersenen heeft, opperen de onderzoekers, en deels doordat de schedelplaten lijders aan cretinisme meestal niet aan elkaar gegroeid zijn. Na de dood van de vermeende hobbit zouden ze alsnog tegen elkaar aangedrukt kunnen zijn, met een kleinere inhoud als gevolg.
En de rest van het lichaam? Ook daar sluiten de observaties goed aan bij de nieuwe theorie, aldus het drietal Australiërs. Cretinisme levert relatief lange armen op, die minder bewegingsvrijheid hebben. Wederom: net als bij de hobbit, zij het minder extreem. Maar of het ook tot afwijkende polsbotjes leidt, is onbekend. Het zou sterk voor deze theorie pleiten als de polsbotjes van cretinismelijders dezelfde vorm zouden blijken te hebben als de opgegraven botjes uit de grot op Flores. Maar die polsbotjes zijn er niet.
En dan nog de oorzaak, gebrek aan jodium en selenium plus een teveel aan thiocyanaat uit planten. Jodiumgebrek komt op Flores en nabije eilanden veel voor, lokaal geraapte kippeneieren vertonen een tekort aan selenium en er groeien eetbare planten die cyanide bevatten, schrijven Obendorf en zijn collega’s.
Alles bij elkaar concluderen ze dat het niet bewezen is, maar wel waarschijnlijk, dat de gevonden ‘hobbitbotten’ in werkelijkheid overblijfselen zijn van zieke moderne mensen. Gemeenschappen van jagers-verzamelaars kunnen zulke gehandicapte stamgenoten niet goed onderhouden, daarom zou het best kunnen dat die op zichzelf hebben geleefd in de Liang Bua-grot waar hun botten gevonden zijn.
“Een interessante hypothese”, vindt paleontoloog Gert van den Bergh het, maar niet meer dan dat. Van den Bergh was zelf betrokken bij de opgravingen in de Liang Bua-grot en vertrekt komende zaterdag weer naar Indonesië voor meer graafwerk.
Voorlopig laat hij zich niet door de Australiërs overtuigen. Hij wijst erop dat de onderzoekers niet naar het originele hobbitmateriaal hebben gekeken en geen polsbotjes hebben kunnen vergelijken. “Bovendien zijn niet alle resten van Homo floresiensis even oud. De jongste zijn van twaalfduizend jaar geleden, de oudste van 95 duizend. Het zou wel heel toevallig zijn als er steeds weer mensen met hetzelfde syndroom in die grot terechtkomen.”
En dan zijn er nog de stenen werktuigen. “Op Flores liepen 840 duizend jaar geleden al mensachtigen rond, bewijzen die. Lang voor de moderne mens ontstond. Bij de hobbitresten vonden we werktuigen van twaalfduizend jaar oud die op dezelfde manier gemaakt zijn.”
Komt er dan nooit een einde aan het welles-nietesdebat rond de kleine mensjes? “Heb nog een beetje geduld”, zegt Van den Bergh. “Deze zomer is er weer een opgraving in de grot, en daarbij zal het er heel zorgvuldig aan toe gaan. Hopelijk levert dat DNA op, en dat zou het verlossende woord kunnen geven. We hebben op die plek al wel varkens-DNA weten te isoleren van zevenduizend jaar oud, dus wie weet.”
Elmar Veerman
Peter J. Obendorf, Charles E. Oxnard en Ben J. Kefford: ‘Are the small human-like fossils found on Flores human endemic cretins?‘, Proceedings of the Royal Society B, 5 maart 2008