Waar veel algen te halen waren, was het soms behoorlijk druk (copyright British Antactic Survey)
Vlak boven de zeebodem rond het Antarctisch Schiereiland wemelt het van het krill, zagen Britse onderzoekers tot hun verbazing op beelden van een onbemand duikbootje. De kleine kreeftjes boren zich in de bodem om van dode algen te snoepen.
Wat ze ook verwacht hadden te zien op drieduizend meter diepte, niet deze drukte. Andrew Clarke en Paul Tyler, twee Britse biologen, schrijven deze week in vakblad Current Biology dat sommige diepe wateren bij het Antarctisch schiereiland krioelen van het krill.
Die garnaalachtige beestjes zijn het belangrijkste voedsel van de grotere pooldieren, zoals vissen, pinguïns, zeehonden en walvissen. Dieper dan een paar honderd meter zouden ze niet voorkomen, meende de wetenschap. Maar wel dus.
Ze komen niet voor niets naar de bodem. Er zijn massa’s dode algen te halen, en dat vinden ze blijkbaar een smakelijke hap. Tot nu toe werd het krill geacht alleen de levende algjes uit de bovenste waterlaag te vissen.
Aan het oppervlak is het ’s zomers rond de twee graden Celsius, maar daaronder daalt de temperatuur al snel tot een graad onder nul. Nog verder omlaag, vanaf zo’n tweehonderd meter diepte, wordt het plotseling weer warmer: één à twee graden. En dat blijft het tot op grote diepte.
Zelf duiken naar drieduizend meter diepte gaat niet, daarom keken de Britten er rond via het onbemande duikbootje Isis. In januari en februari vorig jaar maakte het ding tientallen duiken op plaatsen waar het tussen de tweehonderd en 3500 meter diep was.
Waar geen dode algen op de zeebodem lagen, ontbrak ook het krill. Lag het plantaardige spul er wel, dan was er via de camera’s aan boord van Isis niet alleen te zien dat er vaak heel veel krill rondzwom, maar ook wat de diertjes deden.
Clarke en Tyler beschrijven hoe de diertjes zich vanaf maximaal een meter boven de bodem krachtig omlaag bewogen tot ze in de laag dode algen terechtkwamen. Vervolgens begonnen ze het algenwolkje dat daardoor omhoogkwam te filteren. Het was duidelijk te zien dat er veel zwangere vrouwtjes tussenzaten.
Wat betekent deze ontdekking nu voor de voedselketen in de zuidelijke wateren? Dat is nog niet duidelijk, aldus de onderzoekers. Ze weten bijvoorbeeld niet of er meer krill rondzwemt dan de vijftig à honderdvijftig miljoen ton waarop de totale massa nu wordt geschat.
Elmar Veerman
Antactisch krill, oftwel Euphausia superba, wordt tot zes centimeter lang en kan vijf tot zes jaar leven. Als het tenminste niet te grazen wordt genomen door een hongerige walvis of pinguin. (copyright British Antarctic Survey)