Eén grote familie

Resultaten grootste studie genetische variatie mensen

De kleuren op deze kaart staan voor genetisch verschillende typen mensen. Vooral in Afrika is de genetische variatie erg groot [afbeelding: Martin Soave, Universiteit van Michigan]
Zoom
De kleuren op deze kaart staan voor genetisch verschillende typen mensen. Vooral in Afrika is de genetische variatie erg groot [afbeelding: Martin Soave, Universiteit van Michigan]

De resultaten van de meest omvangrijke studie naar genetische verschillen tussen mensen ooit staan deze week in Science. Het artikel is vooral een bevestiging van eerdere vermoedens: “Uiteindelijk zijn we allemaal familie”.

Het doel was om verwantschappen tussen mensen te achterhalen. Onderzoekers van de Universiteit van Stanford (VS) plozen daarvoor het DNA uit van duizend individuen, afkomstig uit 51 regio’s verspreid over de wereld. Het erfelijk materiaal kwam uit de database van het ‘Genome diversity project’ en was de afgelopen tientallen jaren verzameld door genetici en antropologen. Het DNA werd op 650.000 plekken, waarvan al bekend was dat de samenstelling tussen mensen onderling varieerde, tot op de letter nauwkeurig bekeken. De letters die DNA vormen zijn A, C, T en G. Deze staan voor de bouwstenen - beter gezegd nucleotiden – adenine, cytosine, thymide en guanine. De resultaten bevestigen de bekende theorie dat de eerste moderne mensen zich vanuit Afrika over de aardbol verspreidden, 55.000 tot 85.000 jaar geleden. Of zoals Richard Myers, één van de auteurs van het Science-artikel het verwoordde tegen een journalist van dat tijdschrift: “Uiteindelijk zijn we allemaal familie”. Ook vonden de auteurs van het Science-artikel bewijzen voor een verre verwantschap tussen de Jakoeten uit Siberië en de oorspronkelijke bewoners van Amerika, oftewel de indianen. Die zouden tienduizenden jaren vanuit het Europees-Aziatische continent via een toen nog aanwezige landbrug zijn gemigreerd naar Amerika. Het erfelijk materiaal van inwoners van het Midden-Oosten bevatte duidelijk zowel sporen van Afrikaanse als Europese voorouders. Iets wat niet gek is volgens Myers. Het Midden-Oosten fungeerde als een brug tussen Afrika en Europa, via welke mensen hun weg verder zochten. Een andere, internationale groep onderzoekers dook eveneens op het menselijk DNA en publiceert de resultaten deze week in Nature. Hoofdauteur Mattias Jakobsson van de Universiteit van Michigan (VS) en collega’s zochten naar verschillen in de genomen van mensen uit 29 gebieden. Zij keken niet alleen naar variaties in de letters, maar ook naar grotere stukken DNA. En dan voornamelijk naar het aantal duplicaten dat iemand daarvan had. Sommige mensen hebben namelijk veel meer erfelijk materiaal dan andere, simpelweg doordat bepaalde delen meerdere malen zijn gekopieerd en achter elkaar zijn geplakt. De resultaten van dit onderzoek zijn vergelijkbaar met die in het artikel uit Science. Uiteraard is de zoektocht naar overeenkomsten en verschillen hiermee niet ten einde. Zo ging eind vorige maand het eveneens zeer omvangrijke ‘1000 genomes project’ van start. Dat duurt drie jaar. In die tijd wordt eerst het complete genetische materiaal van zes personen (twee gezinnen) in kaart gebracht. Vervolgens wordt een gedeelte van nog eens 180 individuen beschreven. En uiteindelijk pluizen de onderzoekers duizend genen uit van even zoveel mensen. Het doel is meer inzicht krijgen in menselijke gezondheid en ziektes. Remy van den Brand Ju Z. Li e.a.: 'Worldwide human relationships inferred from genome-wide patterns of variation’, Science, 22 februari 2008 Mattias Jakobsson e.a.: ‘Genotype haplotype and copy-number variation in worldwide human populations’, Nature, 21 februari 2008