Verrassend gas

Toendra stoot veel methaan uit wanneer de vorst invalt

Aan het eind van de zomer gaat het weer vriezen op de Groenlandse toendra. Op dat moment kiest een grote hoeveelheid van het broeikasgas methaan het luchtruim, blijkt uit nieuwe metingen. Dat had niemand verwacht.

Bij de opwarming van de aarde blazen onbevolkte gebieden een flink partijtje mee. Veel CO2 komt er niet uit de gebieden rond de Noordpool, maar daar ontwijkt wel het sterkere broeikasgas methaan. Metingen aan graslanden op Groenland bewijzen het. De uitstoot van deze toendra begint in het voorjaar, klimt snel naar een piek en zwakt dan langzaam af tot bijna nul. Dat is maar het halve verhaal, blijkt nu. In Nature beschrijven Zweedse onderzoekers wat er gebeurde toen ze twee maanden langer met de metingen doorgingen dan anders. De verlenging was te danken aan langer openhouden van onderzoeksstation Zackenberg in het noordoosten van Groenland, in verband met het Internationale Pooljaar. Andere jaren sloot dat begin september zijn deuren, in 2007 pas eind oktober. Wat bleek? Eind september begon de methaanuitstoot van het grasland weer op te lopen en begin oktober schoten de meetwaarden omhoog tot een piek die ruim twee keer zo hoog lag als het maximum in de zomer. In de week daarna zakte de grafiek snel. In totaal kwam er ongeveer net zo veel methaan vrij als in de hele zomer. De piek lag rond het moment dat de bodem weer begon te bevriezen. Vermoedelijk persen de ijskristallen het gas de grond uit, schrijven de onderzoekers. Het kan niet omlaag, want daar is de bodem permanent bevroren. Aan het artikel werkte ook Sander Houweling mee. Zelf is hij nog nooit op Groenland geweest. Hij zit de hele dag achter zijn bureau bij het Nederlands ruimteonderzoeksinstituut SRON. Met de gegevens van satellieten, landstations en zeemetingen bouwt hij simulaties van de methaanstromen op aarde. De Zweden vroegen hem om na te gaan of op wereldschaal te zien is dat het weer bevriezen van bodems overal rond de Noordpool een methaanpiek veroorzaakt. Dat dat zo is, staat nog steeds niet vast, zegt Houweling. Maar het is wel waarschijnlijk, want het past ook beter bij de waarnemingen dan een scenario zonder zo’n extra methaanpiek. Er zijn nog veel onzekerheden, benadrukt hij, want permafrost is een tamelijk slecht begrepen systeem. “We hebben geprobeerd de herfstuitstoot van methaan op het noordelijk halfrond tussen 2002 en 2005 te vergelijken met de getallen van tien jaar eerder. Hij lijkt niet te zijn toegenomen. Maar het zou kunnen dat hij de komende jaren wel groter wordt, omdat het aan de Noordpool snel warmer wordt.” En dat kan het broeikaseffect weer versterken. Het is iets om goed in de gaten te houden, zegt Houweling. In de laboratoria van SRON wordt op dit moment een instrument getest dat veel beter naar methaan kan kijken dan de huidige satellieten. TROPOMI heet het ding, en het gaat op z’n vroegst in 2014 de ruimte in. Maar veldmetingen blijven hard nodig, want in het donker van de poolwinter kan het instrument het methaan niet zien. Elmar Veerman Mikhail Mastepanov e.a.: ‘Large tundra methane burst during onset of freezing’, Nature, 4 december 2008