De koe als kompas

De Hollandse koe als kompas.
Zoom
De Hollandse koe als kompas.

Koeien staan bij voorkeur in de richting van het aardmagnetisch veld. Dat ontdekten Tsjechische onderzoekers op satellietopnames van Google Earth.

Het is een boerenwijsheid: als het flink waait, staan koeien het liefst met hun kop in de wind. Op koude, zonnige dagen daarentegen staan of liggen ze bij voorkeur dwars op de zon, zodat een zo groot mogelijk deel van hun lichaam de zonnewarmte opvangt. Maar wat doen ze op de dagen dat het niet waait, en de zon achter een dik pak wolken is verscholen? Ook dan staan ze bij voorkeur allemaal met hun kop dezelfde kant op, schrijft een groep Tsjechische onderzoekers deze week in het tijdschrift PNAS. De onderzoekers plozen zorgvuldig enkele honderden satellietopnames van Google Earth na van weidegebieden verspreid over zes continenten. De ruim achtduizend koeien van zo’n driehonderd kuddes die de onderzoekers vanachter hun PC telden, bleken overwegend in noordzuidrichting te staan, wat de ‘kop in de wind’ hypothese meteen verwerpt. De satellietopnames zijn immers op verschillende dagen gemaakt, en winden waaien veel vaker uit oostelijke of westelijke richting dan uit het noorden of het zuiden. Ook draaiden de koeien niet met de zon mee, zoals je zou verwachten als ze zich naar de zonnewarmte richtten. De Tsjechen komen in hun artikel tot de opmerkelijke conclusie dat de koeien zich richten naar het aardmagnetisch veld. Tot nog toe is een gevoeligheid voor het aardmagnetisch veld maar bij een klein aantal dieren vastgesteld, en dan nog voornamelijk bij insecten als honingbijen en termieten. Ook duiven, goudvissen en palingen hebben een intern kompasnaaldje, maar een koe is toch net even iets anders. De onderzoekers constateerden uit proeven in het veld dat ook Tsjechische reeën en edelherten bij voorkeur parallel aan de lijnen van het aardmagnetisch veld staan, en dan het liefst met hun kop naar het noorden. Bij de Google-koeien konden ze niet zien of de dieren met de kop of de kont naar het noorden stonden, omdat de resolutie van de satellietopnames daarvoor te laag was. De onderzoekers sluiten hun artikel af met de opmerking dat het verbazingwekkend is dat dit opvallende verschijnsel herders en jagers klaarblijkelijk al duizenden jaren is ontgaan. Jacqueline de Vree Sabine Begall et al, 'Alignment in grazing and resting cattle and deer: What hersmen and hunters have never noticed', in PNAS, 25 augustus 2008.