Algenolie

Miljoenenproject voor nieuwe generatie biobrandstof gaat van start

Geen alg in deze plaat ontsnapt aan het licht (Foto: Wageningen UR).
Zoom
Geen alg in deze plaat ontsnapt aan het licht (Foto: Wageningen UR).

Een nieuwe generatie biobrandstof dient zich aan: olie uit algen. Deze week gaat een miljoenenproject van start om de oliewinning te optimaliseren. Wageningen Universiteit, technologisch topinstituut Wetsus en elf bedrijven uit binnen- en buitenland doen eraan mee.

Het winnen van de algenolie klinkt simpel. Gooi wat microscopisch kleine algen in een bak met water. Geef ze licht en voedsel, en binnen de kortste keren verandert het heldere water in een bruine pap van algen. Veel algen verdubbelen zich namelijk binnen een dag. De olieachtige stoffen waar het om te doen is, kunnen dan eruit worden geperst. Nu alleen nog even raffineren tot bruikbare biodiesel. Helaas is de algenproductie een stuk ingewikkelder dan hij klinkt. Het hele gebeuren staat nog in de kinderschoenen. Wageningen Universiteit, technologisch topinstituut Wetsus en elf bedrijven uit binnen- en buitenland slaan de handen ineen om hier verandering in te brengen. Het project is deze week officieel begonnen en kost ruim een miljoen euro per jaar. “We proberen met zo min mogelijk energie zo veel mogelijk algen te kweken”, zegt onderzoeker Gertjan Euverink, werkzaam bij het watertechnologisch bedrijf Wetsus. “Daarvoor moeten we ze precies geven wat ze lekker vinden.” En dat is onder andere licht en het broeikasgas CO2. Dat wordt dan door de algen omgezet in lipiden, de vetachtige stoffen waar biodiesel van gemaakt wordt. Het geven van licht is echter nog problematisch. Om ervoor te zorgen dat alle algen licht ontvangen, moeten de bioreactoren waarin ze groeien heel erg dun zijn. Dat kost veel ruimte. “In Wageningen staan nu dunne glazen platen met een laag water en algen erin”, vertelt Euverink verder. “Door aan beide kanten van de platen lampen neer te zetten, krijgen alle algen licht. De komende vier jaar gaan we proberen installaties in de hoogte te bouwen. Die bestaan dan uit heel veel van deze platen.” Hoe dat er precies uit gaat zien, moet het onderzoek uitwijzen. Door lucht met extra veel CO2 door het water in de platen heen te laten borrelen, krijgen de algen hun koolstof. Deze toevoer is nog niet optimaal. De algen hebben het weliswaar nodig, maar ook weer niet teveel want dan wordt het giftig. De perfecte concentratie CO2 moet nog worden gevonden. Bovendien moet de CO2 ook nog oplossen in het water. Anders borrelt het gas er met de lucht aan de bovenkant gewoon weer uit, zegt Euverink. De CO2 zal komen van elektriciteitscentrales. Daar komt het immers massaal uit de schoorstenen. “Op deze manier willen we zoveel mogelijk kringlopen sluiten”, legt Euverink uit. “Ook de afvalstoffen van waterzuiveringsinstallaties kunnen we goed gebruiken. Stikstof, fosfaat en kalium hoeven dan niet meer onnodig te worden weggegooid. We geven het gewoon aan de algen, want die zijn er dol op.” Er moet dus nog heel wat gebeuren, maar de voordelen vergeleken met de huidige biobrandstoffen zijn groot. In theorie kan de opbrengst van de algen per hectare namelijk tien keer zo hoog zijn als de energieopbrengst van gewassen als koolzaad, maïs en oliepalmen. Bovendien is er geen mens op aarde die ’s avonds een bordje verse microalgen op de eettafel heeft staan. En dat is wel een groot nadeel van bijvoorbeeld maïs. Terwijl de westerse wereld er energie uit wint, schieten de maïsprijzen in derdewereldlanden omhoog. Het project duurt in ieder geval vier jaar. In het beste geval staat er in 2012 een draaiende algenoliefabriek die Nederlandse auto’s van biobrandstof voorziet. Maar dat is wel erg optimistisch. Steijn van Schie