Eindelijk apenstamcellen
Eerste kloonembryo’s van resusapen gemaakt

- Zoom
- Een kloonbaby creëren lukte nog niet, maar stamcellen maken is ook een doorbraak van formaat. Dit is overigens ANDi, een resusaapje dat geboren werd met een gen dat een lichtgevend kwalleneiwit maakt.
Hele kloonaapjes zijn er nog niet, maar het is Amerikaanse biotechnologen wel gelukt om apenembryo’s te maken met celkernen uit een volwassen aap. Daaruit haalden ze vervolgens stamcellen, waaruit alle mogelijke weefsels kunnen groeien.
Het blijkt dus toch te kunnen. Schapen, muizen, koeien, paarden, ja, de halve Ark van Noach was al gekloond. Alleen met apen wilde het maar niet lukken. Eicellen van mensen en hun nauwste verwanten bleven hardnekkig weigeren om hun celkernen te laten verruilen voor exemplaren van een volwassene en vervolgens uit te groeien tot een embryo.
Een team onderzoekers van de Oregon Health & Science University en het Nebraska Medical Center heeft nu toch als eerste alle technische obstakels overwonnen. Shoukhrat Mitalipov en collega’s melden in de interneteditie van Nature dat ze kloonembryo’s van resusapen hebben gemaakt. De eicellen kwamen uiteraard van vrouwtjesapen, de nieuwe celkernen van de huidcellen van een negenjarig mannetje.
Nature wilde geen risico nemen na het kloondrama rond de Koreaanse stamcelvervalsingen van Hwang Woo-Suk in 2004 en 2005. De echtheid van de gekloonde apenembryocellen is daarom gecontroleerd door een drietal Australische onderzoekers. Zij stelden vast dat de mitochondriën in deze cellen identiek waren aan die van de moederapen, terwijl het DNA in de celkernen van de volwassen apenman afkomstig was. Dat betekent dat het kloneren inderdaad gelukt is.
Waarom slaagden deze onderzoekers waar zoveel anderen gefaald hebben? Ze zien twee mogelijke redenen. Ten eerste gebruikten ze een nieuw apparaat om de oorspronkelijke celkern van de eicellen in beeld te brengen, zodat ze die konden wegzuigen. Dit zogenoemde Oosight-systeem werkt met gepolariseerd licht, waardoor er geen kleurstof nodig is om structuren in de celkern te kunnen zien. De kleurstof en het UV-licht die voorheen gebruikt moesten worden, zijn misschien schadelijk voor apeneicellen.
Een tweede maatregel die aan het succes kan hebben bijgedragen, is het verwijderen van de stoffen calcium en magnesium uit de kweekvloeistof. Die stoffen zorgen bij normaal bevruchte eicellen dat het proces van deling begint, waarna een meercellig embryo ontstaat. Door ze uit de kweekbakjes weg te laten, voorkwamen de onderzoekers dat hun cellen begonnen met delen voordat ze daar aan toe waren, is de gedachte.
In totaal leverden kloonpogingen met 213 eicellen 35 embryo’s op, waaruit de onderzoekers twee keer stamcellen wisten op te kweken. Die zijn in principe eindeloos te vermeerderen, en kunnen uitgroeien tot elk gewenst weefsel. Daarmee zou schade gerepareerd kunnen worden in het lichaam van de mannetjesaap die de celkernen leverde, zonder dat hij daarbij met afstotingsverschijnselen te kampen krijgt.
Uiteraard was het de onderzoekers niet om het oplappen van dit aapje te doen. Hét grote doel dat aan de horizon gloort, is het creëren van stamcellen op maat voor patiënten. Zo ver is het nog niet, maar het lijkt ineens wel een stuk dichterbij. Want apen zijn net mensen.
Elmar Veerman
James Byrne e.a.: ‘Producing primate embryonic stem cells by somatic cell nuclear transfer’, Nature Advance Online Publication, 14 november 2007
David Cram, Bi Song en Alan Trounson: ‘Genotyping of Rhesus SCNT pluripotent stem cell lines’, Nature, 14 november 2007