Wat van de wereld kunnen zien is prachtig, maar regelmatig van hot naar her vliegen is slecht voor de gezondheid. Voor ratten en muizen is het zelfs levensgevaarlijk, melden onderzoekers in ‘Current Biology’. Vooral reizen waarna de klok vooruit moet worden gezet, zijn link.
Nachtdiensten en jetlags: in het beste geval verpesten ze alleen het humeur, maar wetenschappers ontdekten al dat er ook een hele trits lichamelijke klachten is die door onregelmatigheid worden veroorzaakt of verergerd. Zo verhogen ze de kans op maagzweren, slaapstoornissen en kanker.
In het tijdschrift 'Current Biology' melden biologen van de Amerikaanse Universiteit van Virginia dat een verstoring van het dagnachtritme, oftewel de biologische klok, oude muizen zelfs de kop kan kosten. Een verschuiving vooruit in de tijd bleek het meest levensbedreigend.
Het beschreven experiment ontstond per ongeluk. Eerste auteur van het tijdschriftartikel Alec Davidson en collega's waren bezig met een hele andere proef, waarin ze de dag van ratten met zes uur vervroegden of verlaten. De ratten die achteruit in de tijd waren gegaan, waren nog allemaal in leven. Maar van de andere groep was bijna de helft dood. Dat zette de onderzoekers aan het denken. Waren verstoringen in het dagnachtritme direct levensbedreigend? En gold dat dan ook voor andere knaagdieren dan ratten? Davidson zocht het uit.
De bioloog zetten een experiment op met drie groepen muizen. Of eigenlijk zes groepen, want elke club bestond uit enkele jonge en een aantal oude muizen. De eerste groep volgde acht weken lang een normaal dagnachtritme. Bij de tweede werd de klok elke week een keertje zes uur vooruit gezet en bij de derde ging die wekelijks zes uur achteruit. De laatste vloog met andere woorden eenmaal per week van Amsterdam naar New York en de twee groep vloog met dezelfde regelmaat naar Bangkok.
De 'jetlags' die als gevolg daarvan ontstonden, werden sommige bejaarde muizen teveel. Na pakweg twee maanden, oftewel na acht intercontinentale vluchten was een groot deel van de ouderen overleden. In groep twee had slechts 47 procent de jetlags overleefd en in groep drie 68 procent. Van de oude muizen die niet hoefden te vliegen was 83 procent nog in leven. De jonkies daarentegen hadden nergens last van. Van hen stierf er maar één.
Om te ontdekken of het nog uitmaakte welke kant de muizen op vlogen, verkortten de onderzoekers de periode tussen de 'vluchten'. Elke vier dagen ging de klok nu zes uur voor- of achteruit. De bejaarde proefdieren voor wie de dag eerder dan normaal begon, stierven eerder dan degene die de zon later zagen opkomen. Vooruit in de tijd gaan is dus meer levensbedreigend dan teruggaan, concluderen Davidson en zijn collega's.
De Amerikanen waren niet de eersten die lieten zien dat verstoren van de biologische klok ongezond is. Zo was al bekend dat fruitvliegjes en bromvliegen korter leven als hun dagnachtcyclus korter duurt dan 21 uur of langer dan 27 uur. Maar de biologen denken wel dat zij de eersten zijn die hebben aangetoond dat de sterftecijfers afhangen van de richting waarin de klok wordt gedraaid.
Wat er precies in een ontregeld muizenlichaam gebeurt, weten de onderzoekers overigens niet.
Remy van den Brand
A.J. Davidson e.a.: 'Chronic jet-lag increases mortality in aged mice', Current Biology, 7 november 2006