Het walvislied

Onder water reist het geluid vier keer sneller dan door de lucht.
Zoom
Onder water reist het geluid vier keer sneller dan door de lucht.

Taal willen de onderzoekers het niet noemen, maar het paringslied van de bultrugwalvis bevat wel degelijk grammaticale elementen.

Zes maanden per jaar is het gezang van de bultrugwalvis ‘Megaptera novaeangeliae’ te horen. Dan zingen de mannetjes hun indrukwekkende paringslied. Onderaards geloei en trompetgeschal worden afgewisseld met hoge piepjes, fluittonen en klikjes. De klanken doen bijna buitenaards aan. Alle mannetjes in een groep zingen gedurende één seizoen hetzelfde lied. Het jaar daarop bedenken ze een nieuw verleidingslied. Een groep Amerikaanse onderzoekers heeft de liederen van een aantal bultrugwalvissen in de Hawaiiaanse wateren geanalyseerd. Ze komen tot de conclusie dat het walvisgezang primitieve elementen van een taal in zich draagt. Computeranalyse van zestien walvishits laat zien dat de liederen, net als mensentaal, een hiërarchische structuur hebben. Kleine bouwstenen (woorden in het geval van de mens, noten in het walvislied) vormen daarbij grotere structuren: de zinnen of melodietjes, die op hun beurt weer ingebed zijn in nóg grotere structuren. Walvisliederen blijken bovendien een stuk gecompliceerder dan die van de meeste zangvogels. Ook zijn ze langer. ‘Taal’ willen de onderzoekers het niet noemen, maar het lijkt erop dat walvissen wel degelijk gebruik maken van een primitief soort grammatica, schrijven ze deze week in het tijdschrift van de Amerikaanse Acoustical Society. Wát de walvissen elkaar toezingen, is overigens volkomen onduidelijk, maar mooi is het wel, zoals u zelf kunt constateren in bijgaand fragment.