Hobbit maakte toch gereedschap

Werktuigen voeden discussie

Liang Bua, de grot waar de eerste resten van de Floresmens werden opgediept. (Foto Michael Morwood)
Zoom
Liang Bua, de grot waar de eerste resten van de Floresmens werden opgediept. (Foto Michael Morwood)

In Nature van deze week krijgt de discussie over de Floresmens opnieuw een vervolg. Een groep wetenschappers uit Australië, Indonesië en Nederland beschrijft de vondst van een aantal stenen werktuigen op het eiland Flores. Deze gereedschappen wijzen er volgens de onderzoekers op dat werktuigen die eerder op het eiland gevonden werden, wel degelijk door Homo floresiensis gemaakt kunnen zijn.

Sinds drie jaar geleden menselijke resten werden gevonden op het Indonesische eiland Flores, is het niet meer stil geweest rond de Homo floresiensis. Twee weken geleden werd in Science nog volop gediscussieerd over deze 'hobbit'. Het ene kamp is overtuigd dat het hier om een nieuwe menssoort gaat, maar tegenstanders denken aan een ziek exemplaar van de moderne mens. Zij menen bijvoorbeeld, dat de Floresmens de werktuigen die naast zijn overblijfselen lagen niet kon maken. De hobbit zou daar, met zijn hersenen ter grootte van een sinaasappel, namelijk niet slim genoeg voor zijn. Dit was een van de redenen waarom de onderzoekers meenden dat de gevonden botten van een zieke moesten zijn. Deze week wordt weer een nieuw hoofdstuk toegevoegd aan de discussie, met een publicatie in Nature. Een groep onderzoekers onder leiding van Adam Brumm beschrijft in hun artikel namelijk een flink aantal nieuw gevonden werktuigen. Deze werktuigen zijn weliswaar stukken ouder dan de gereedschappen die bij de hobbit werden gevonden, maar zijn toch op dezelfde manier gemaakt. De onderzoekers denken dat deze manier van gereedschappen maken van generatie op generatie is overgeleverd en dat Homo floresiensis zo heeft geleerd hoe hij de gereedschappen moest maken. Volgens de onderzoekers, onder wie ook de Nederlander Gert van den Bergh, kan dit betekenen dat de Floresmens toch een aparte menssoort was. Van den Bergh heeft zelf genoeg van de theorieën dat de Floresmens een zieke menssoort zou zijn. Geïrriteerd merkt hij op: "Ook bij de eerste Neanderthaler en Homo erectus dachten critici dat de vinders een afwijkend exemplaar van een al bekende soort hadden opgegraven. En bovendien is de kritiek telkens op kleine details gericht, in plaats van op het geheel." Het team van Adam Brumm vond ruim vijfhonderd stenen werktuigen bij Mata Menge, op het eiland Flores. Het ligt overigens niet direct voor de hand deze vondsten in verband te brengen met de mens van Flores. Om te beginnen werden deze werktuigen namelijk op een heel andere plek gevonden dan de hobbit-botten. De grot Liang Bua is namelijk niet meer toegankelijk voor westerse onderzoekers. Dit komt doordat de 75-jarige Teuku Jacob, een Indonesische onderzoeker die sterk gelooft in de microcefalie-theorie, hier tegen is. En Jacob wist de Indonesische dienst voor archeologie achter zich te scharen. Het onderzoeksteam van Brumm kreeg daardoor geen toestemming om in Liang Bua te werken. "We kunnen daar pas weer terecht als Jacob is overleden", zegt Gert van den Bergh. Om toch opgravingen te kunnen doen zochten de onderzoekers contact met de geologische dienst op Flores, die wel mee wilde werken. Het team kwam zo echter wel vijftig kilometer oostelijker terecht. De werktuigen zijn niet alleen op een andere plek gevonden dan de hobbit-botten, maar komen ook uit een heel ander tijdperk. De nieuw gevonden werktuigen zijn namelijk tussen de 840 duizend en 700 duizend jaar oud en stammen dus uit een veel verder verleden dan de achttienduizend jaar oude botten van de Floresmens. Ondanks deze verschillen zien de onderzoekers toch aanwijzingen dat de hobbit tot een aparte soort behoorde. Ze zagen namelijk grote overeenkomsten tussen de eerstgevonden en de nieuwe stenen voorwerpen. Voor beide werktuigen waren dezelfde soort stenen gebruikt. Bovendien werden de gereedschappen 840 duizend jaar geleden volgens de onderzoekers op dezelfde manier bewerkt als de stenen die naast Homo floresiensis werden gevonden: door er schilfers vanaf te slaan. Hiervoor hadden de 'steenslagers' verschillende technieken, bijvoorbeeld door andere stenen als hamers of grote stenen als aambeeld te gebruiken. Het is nog niet bekend wie de nu gevonden werktuigen maakte op het eiland. Er werden namelijk geen botten bij gevonden. "Misschien is het wel een soort geweest, die lijkt op Homo georgicus", speculeert van den Bergh. Dat is een mensensoort met een kleine herseninhoud die begin deze eeuw in Georgië werd ontdekt. Deze soort leefde waarschijnlijk zo'n 1.8 miljoen jaar geleden. Van den Bergh noemt het onwaarschijnlijk dat de Floresmens zijn technieken van de moderne mens (Homo sapiens) heeft afgekeken. De oudst gevonden resten van moderne mensen op Flores zijn namelijk zo'n tien en een half duizend jaar oud, veel jonger dus dan de meeste werktuigen. De moderne mens maakte de gereedschappen bovendien op een andere manier dan Floresmens. Hij gebruikte andere soorten materialen en bewerkte de stenen met nieuwe technieken. De meest logische verklaring is volgens Brumm en zijn team dat een oude menssoort die meer dan 840 duizend jaar geleden op Flores aankwam zijn bewerkingstechnieken van generatie op generatie heeft overgeleverd. De onderzoekers denken dat de Floresmens zo, ondanks zijn beperkte hersencapaciteit, toch in staat was om de gereedschappen te maken. Ze stellen aan het eind van hun artikel dat "de beweringen dat de Homo floresiensis te weinig hersencapactiteit heeft om stenen werktuigen te maken gebaseerd zijn op voorbarige oordelen in plaats van op bewijs." Maar het is te betwijfelen of hun wetenschappelijke tegenstanders zich hier zo snel bij neer zullen leggen. Misschien dat alleen de vondst van meer schedels op Flores de zaak kan ophelderen. Het laatste woord over deze menssoort is ongetwijfeld nog niet gezegd. Sander van der Kruijssen Adam Brumm, Fachroel Aziz, Gert van den Bergh, Michael Morwoord, Mark Moore, Iwan Kurniawan, Douglas Hobbs en Richard Fullager, 'Early stone technology on Flores and its implications for Homo floresiensis', Nature, 1 juni 2006