Muizen genezen van kattenallergie

Nieuw eiwit houdt afweercellen koest

muis kat
Zoom
muis kat

Immunologen in Los Angeles maakten een eind aan de kattenallergie van een groep muizen. De diertjes kregen een eiwit ingespoten dat hun afweercellen geruststelde. Deze aanpak lijkt geschikt om allerlei soorten allergie bij mensen te behandelen.

Het zou te ver gaan om te zeggen dat de muizen van Daocheng Zhu en collega’s weer opgelucht konden ademhalen in het bijzijn van een kat. Maar de allergische reactie waarmee de onderzoekers ze eerder hadden opgezadeld, waren ze kwijt. Een injectie met een bijzonder eiwit had daarvoor gezorgd. De ene helft daarvan kwam van een kat, en de andere helft van een mens. De vinding staat beschreven in het aprilnummer van Nature Medicine. Het feit dat deze aanpak werkt biedt hoop voor mensen met een zware allergie. Bij allergieën is het grote probleem dat een kleine groep afweercellen zich opwindt over een stof die eigenlijk helemaal geen kwaad kan. Zodra ze die stof ontwaren, beginnen ze de signaalstof histamine te verspreiden, wat voor een hele horde andere afweercellen het teken is om in actie te komen. Daardoor wordt een soort noodtoestand uitgeroepen, die vervelende gevolgen heeft: jeuk, tranende ogen, een loopneus of benauwdheid bijvoorbeeld. Bij voedselallergie gaat het er soms nog heftiger aan toe. Jaarlijks gaan tientallen mensen dood aan het eten van pinda’s. Al jaren proberen onderzoekers de hysterische afweercellen aan te pakken die vals alarm slaan wanneer ze hun probleemstof tegen het lijf lopen. In de laboratoria van de Universiteit van Californië, in Los Angeles, is dat gelukt. De onderzoekers namen het eiwit uit kattenhuid en -haar dat een allergische reactie kan oproepen en plakten daar losjes een menselijke signaalstof aan vast. Zodra de afweercellen dit combinatie-eiwit tegenkomen, wordt hun neiging om alarm te slaan onmiddellijk onderdrukt door de signaalstof, was het idee. Als ze daarna het losse katteneiwit tegenkomen, zouden ze veel minder histamine aan moeten maken dan anders. Eerst testten de onderzoekers hun eiwit op bloed van mensen met kattenallergie, waar ze een beetje van het katteneiwit bij deden. Daar zagen ze een duidelijk effect: “We zagen dat er 90 procent minder histamine vrijkwam in de celculturen waar het fusie-eiwit inzat”, verklaart immunoloog Andrew Saxon in een persbericht. “Het leek er dus op dat dit middel inderdaad kon voorkomen dat de afweercellen op de kattenstof reageren.” De volgende stap was een experiment met muizen, die allergisch waren gemaakt voor katten. De onderzoekers spoten het katteneiwit in de luchtwegen van muizen. Allergische muizen kregen het daar erg benauwd van, tenzij ze vooraf met het nieuwe middel waren geïnjecteerd. In dat geval hadden ze er even weinig last van als niet-allergische muizen. Ook in proefdieren werkte deze aanpak dus. Volgens Saxon bleef het middel de allergische reactie nog lang na de injectie onderdrukken. Blijkbaar waren de afweercellen blijvend gerustgesteld na de ontmoeting met het combinatie-eiwit. Het aan elkaar plakken van eiwitten lijkt dus een vruchtbare strategie om allergie te bestrijden, concludeert hij. Uiteraard moet er nog veel getest worden voordat ook mensen op deze manier behandeld kunnen worden. De eersten die daarvoor in aanmerking komen, zijn waarschijnlijk mensen met een ernstige voedselallergie. Voor hen bestaat namelijk nog geen therapie. Elmar Veerman Daocheng Zhu, Christopher Kepley, Ke Zhang, Tetsuya Terada, Takechiyo Yamada en Andrew Saxon: “A chimeric human-cat fusion protein blocks cat-induced allergy”, Nature Medicine, april 2005