Vogelgriep bij trekvogels

Pandemie weer een stapje dichterbij

Karakteristieke scheefstand van de nek, Indische gans. Foto Science.
Zoom
Karakteristieke scheefstand van de nek, Indische gans. Foto Science.

De Aziatische vogelgriep is aangetroffen bij wilde trekvogels. Dat maakt de kans dat de ziekte zich over de rest van de wereld verspreidt een stuk groter.

Eensgezind publiceren de wetenschapsbladen Nature en Science vandaag elk een artikel over een verontrustende bevinding. In het Chinese Qinghai-meer zijn meer dan duizend trekvogels gestorven aan het H5N1-virus, het influenzavirus dat al een paar jaar rondwaart op het Aziatische continent, maar tot nu toe beperkt bleef tot pluimveefokkerijen en –markten. De uitbraak in het meer, een natuurgebied in het westen van China, kwam eind april van dit jaar aan het licht. Op het ‘Vogeleiland’ bezweken toen ettelijke Indische ganzen (Anser indicus) aan de ziekte, die gepaard gaat met verlammingen, een onzekere tred, en een karakteristieke scheefstand van de nek. Begin mei stierven er dagelijks meer dan honderd vogels. Eind mei was de ziekte uitgebreid naar andere eilanden in het meer. Naast Indische ganzen (90 procent) stierven ook bruinkopmeeuwen, reuzenzwartkopmeeuwen en aalscholvers aan de ziekte. De vogelgriep was tot nu toe beperkt gebleven tot pluimveefokkerijen en kippenmarkten. Een hoogst enkele keer werden er sporen van het virus in wilde vogels aangetroffen, maar dat betrof geïsoleerde gevallen, en altijd vlak in de buurt van pluimveehouders. Dat is nu anders. In de verre omtrek van het meer waar het H5N1-virus nu huishoudt, is geen pluimveefokkerij te bekennen. Het Qinghai-virus is een bijzonder agressieve variant, schrijven George Gao en collega’s in het tijdschrift Science. Dat concluderen ze uit genetisch onderzoek, en uit laboratoriumproeven met kippen en muizen. Met het virus besmette kippen overleden binnen twintig uur, en muizen die geinfecteerd werden, overleefden dat ternauwernood drie dagen. Eerdere besmettingsproeven, met van Chinese eenden afkomstig virusmateriaal, verliepen veel minder heftig. De onderzoekers vermoeden dat de agressieve Qinghai-variant is ontstaan door herschikking van genetisch materiaal. In Nature publiceert een groep onder leiding van Yi Guan van het Joint Influenza Research Center de resultaten van een andere genetische analyse van het virus. Ze concluderen dat de uitbraak in het Qinghai-meer waarschijnlijk het gevolg is van één enkele besmetting, afkomstig van pluimvee in het zuiden van China. Het Qinghai-meer is een belangrijke broedplaats voor trekvogels uit Zuidoost Azië, Siberië, Australië en Nieuw Zeeland. Het gevaar is dan ook niet denkbeeldig dat het virus door de vogels verspreid wordt over de rest van de wereld. Via de Himalaya naar India, en wellicht door besmetting van andere trekvogels ook naar Europa. Beide onderzoeksgroepen roepen dan ook op tot verhoogde waakzaamheid. Het vogelgriepvirus H5N1 komt op dit moment in tien Aziatische landen voor. Ondanks de tientallen miljoenen stuks pluimvee die de afgelopen jaren preventief geslacht zijn, waart het virus er nog steeds rond. Tot nu toe overleden zeker 53 mensen aan besmetting met het virus, vooral in Thailand en Vietnam. Allen hadden direct contact met besmet pluimvee gehad. Waarschijnlijk is het virus nog niet van mens op mens overdraagbaar, hoewel er een verdacht geval is waarbij een Thaise moeder mogelijkerwijs haar dochter heeft besmet. Grieponderzoekers vrezen dat het virus op den duur, door mutaties of herschikking van erfelijk materiaal, wel degelijk van mens op mens overgedragen kan worden. In dat geval kan het virus een mondiale pandemie veroorzaken, waar de wereld bar slecht op is voorbereid, zo concludeerde Nature anderhalve maand terug. Jacqueline de Vree J. Liu et al, “Highly pathogenic H5N1 influenza virus infection in migratory birds’, in: Science, 7 juli 2005 Yi Guan et al. ‘H5N1 virus outbreak in migratory waterfowl, in: Nature, 6 juli 2005