Fluiten naar de overkant
Canarische herderstaal doorgelicht

- Zoom
- Goedkoper dan bellen. Foto: RedNova
Psychologen en radiologen op de Canarische eilanden hebben de plaatselijke herderscommunicatie onderzocht. Herders op het eiland La Gomera fluiten naar elkaar om over grote afstand te communiceren. Uit scans blijkt nu dat hersenen van herders de fluittaal ‘Silbo’ als echte taal verwerken.
Voor de invoering van de GSM gebruikten herders op het Canarische eiland ‘La Gomera’ het fluiten als communicatie over lange afstanden in bergachtig terrein. Fluiters zetten klinkers en medeklinkers van Spaanse woorden om in fluittonen die variëren in toonhoogte en in karakter (continu of onderbroken). De fluittaal ‘Siblo Gomero’ is wel beperkter dan het Spaans: het kent slechts twee klinkers en vier medeklinkers
Omdat ‘Silbo’ minder klanken kent dan het Spaans, kan de omzetting door de fluiter gemakkelijk tot misverstanden leiden. Verschillende woorden klinken hetzelfde, maar in de praktijk is dat nauwelijks een probleem. “Gedeelde culturele context vereenvoudigt de interpretatie van de semantische inhoud,” schrijft psycholoog Manuel Carreiras in Nature. Met andere woorden: het mag klinken als ‘schip’, maar een herder begrijpt wel dat ‘schaap’ bedoeld wordt.
Carreiras en collega’s ronselden ‘Silbadors’ en mensen die de fluittaal niet beheersten en onderwierpen hen aan luistertests in een MRI-scanner. De proefpersonen kregen een bandje te horen waarop gefloten woorden en Spaanse gesproken zinnen elkaar afwisselden. Terwijl de proefpersoon hiernaar luisterde, registreerde de scanner welke gebieden in zijn hersenen actief werden.
De aandacht van de onderzoekers ging in eerste instantie uit naar de bekende taalgebieden in de hersenen. Te weten: één gebied in de linker slaapkwab en één onderin de frontaalkwab. Uit ander onderzoek is bekend dat deze gebieden niet alleen bij het luisteren naar gesproken taal actief worden, maar ook bij doven die naar gebarentaal kijken. Het zijn dus echte taalcentra.
Uit de scans bleek dat alleen bij de ‘Silbadores’ het taalgebied in de linker slaapkwab actief werd bij zowel fluittaal als Spaans. Bij niet-fluiters was dat niet zo. Met andere woorden: alleen echte ‘Silbadores’ behandelen ‘Silbo’ als taal.
Maar toch is er ook bij hen een verschil te zien tussen gesproken en gefloten taal. Binnen de linker slaapkwab zijn er namelijk verschillende deelgebieden te onderscheiden. Eén daarvan is gespecialiseerd in de analyse van complexe geluiden. Het heeft een belangrijke taak in het koppelen van klanken aan woorden.
Bij fluittaal is dit gebied minder actief dan bij gesproken taal. Dat kan betekenen dat de interpretatie van fluittaal minder complex is dan gesproken taal. Voor herders dan.
Jos Wassink
Manuel Carreiras, Jorge Lopez, Francesco Rivero, David Corina: “Neural processing of a whistled language”, Nature Vol. 433, 6 jan 2005, p. 31 – 32