De microben komen
“Polderakkoord” tegen resistente bacillen

- Zoom
- Antibiotica hebben geen enkel effect op virussen. Ze zijn alleen actief tegen bacteriën. Toch gebeurd het geregeld - zeker in landen rond de Middellandse zee - dat huisartsen een antibiotiakuur voorschrijven tegen verkoudheid of griep: infectieziekten die worden veroorzaakt door een virus.
Een akkoord naar poldermodel tussen overheid, wetenschap en industrie kan misschien voorkomen dat de mens wordt overspoeld door resistente ‘superbacteriën’ waarop antibiotica geen vat meer hebben. Wordt Nederland brandpunt in de oorlog tussen mens en bacil?
De geneesmiddelenindustrie moet ook gaan meepraten in organen zoals de Stichting Werkgroep Antibioticum Beleid (SWAB) en de Landelijke Coördinatiestructuur Infectieziektenbestrijding (LCI). Alleen op die manier kan de mens een vuist maken tegen de van alle kanten oprukkende antibiotica-resistente bacteriën. Dat is vaker gezegd, maar ditmaal komt de handreiking uit een opvallende hoek: van Dick Vente, hoofd corporate affairs bij medicijnconcern Pfizer.
Vente deed zijn uitspraken gisteren op een KNAW-symposium over antibiotica-resistentie. “93 Procent van het onderzoeksgeld komt uit de private sector [de farmaceutische industrie]. Daarom is mijn stelling dat we de problemen gezamenlijk moeten aanpakken. Met als speerpunt: goed resistentiebeleid.”
Momenteel is er nog teveel eenrichtingsverkeer, zegt Vente na afloop van de bijenkomst. De industrie maakt medicijnen en brengt die vervolgens voor onderzoek naar de universiteit. “Men is soms verrast: gaan jullie dát onderzoek doen? Maar ik pleit ervoor om al in een stadium eerder contacten te leggen, zodat je een open dialoog krijgt. Zo kunnen de beleidsmakers ook leren uit de markt, en kunnen wij meer gebruik maken van de know-how van de universiteiten en de overheid.”
Voor ons land is misschien een sleutelrol weggelegd in de strijd tegen de superbacteriën, opperde Vente. Niet alleen heeft Nederland van heel Europa de minste problemen met antibiotica-resistentie, vanaf juli tot eind dit jaar is ons land voorzitter van de EU. De ideale uitgangspositie om de leiding te nemen in het gevecht tegen resistentie, vindt Vente. “Nederland loopt gewoon voor. Met slim doordenken, en met een lage resistentie.”
De stemming op het KNAW-symposium ‘De sombere toekomst van antibiotica’ was pessimistisch. Het probleem met de antibiotica-resistentie “heeft crisisproporties bereikt”, vertolkte de Nijmeegse hoogleraar interne geneeskunde Jos van der Meer de algemeen gevoelde indruk. Steeds meer bacteriën raken gewend aan de antibiotica waarmee we ze bestrijden. En dus dreigt de mens weer ten prooi te vallen aan ‘gewone’, maar dodelijke ziektes als diarree, kraamvrouwenkoorts, tyfus en longontsteking. “De vraag is hoe lang we dit volhouden,” meent de Utrechtse onderzoeker Eefjan Breukink. “We krijgen er steeds meer mee te maken.”
Neem de opmars van tuberculose, de ‘witte pest’. In sommige Oost-Europese gevangenissen raakt jaarlijks één op de twintig gevangenen besmet met de tuberculosebacil ‘Mycobacterium tuberculosis’. Daarvan is inmiddels 50 tot 75 procent resistent tegen alledaagse antibiotica. “Het probleem is daar enorm. En nu de grenzen open zijn, weet ik niet wat het voor ons gaat betekenen,” hoorden de op het symposium aanwezige experts de Amsterdamse microbiologe Christina Vandenbroucke zeggen.
De handreiking van Pfizer is opmerkelijk. Want als het gaat om antibioticaresistentie, zit de medicijnindustrie geregeld in de spreekwoordelijke beklaagdenbank. De industrie zou deels verantwoordelijk zijn voor de problemen, door de maatschappij vol te pompen met antibiotica. Maar Vente werpt die aantijging verre van zich. “Wij zijn er niet de oorzaak van dat er zoveel infecties zijn. Wij zijn een deel van de oplossing.”
Paradoxaal genoeg is de industrie nauwelijks gebaat bij nieuwe antibiotica. Nieuwe antibiotica worden immers achter de hand gehouden, voor noodgevallen. Daardoor is snel terugverdienen nagenoeg uitgesloten. Toch zet Pfizer de speurtocht naar nieuwe antibiotica ‘onverminderd voort’, aldus Vente. Zo werkt Pfizer aan een nieuw antibioticum dat het DNA van bacteriën ‘verpulvert’ en bestudeert het bedrijf bacteriofagen, bacterie-dodende virussen. Pfizer introduceerde twee jaar geleden linezolid (merknaam Zyvoxid), het eerste uit een nieuwe klasse antibiotica sinds dertig jaar.
Een andere, draconische maatregel waaraan sommige experts denken is een grootse gezondheidscampagne, met reclames, websites, scholingsprogramma’s en hulplijnen. “Zoals we ook een programma hebben tegen roken, zo zou je ook een programma ‘rationeel antibioticagebruik’ kunnen invoeren,” hoorde de KNAW-bijeenkomst de Nijmeegse hoogleraar huisartsgeneeskunde Richard Grol gisteren zeggen.
Grol wijst erop dat de gewenning van bacteriën aan antibiotica voor een deel een sociaal-psychologisch probleem is. Patiënten voelen zich pas geholpen als ze antibiotica krijgen, en artsen zijn geneigd hun patiënt tevreden te stemmen. Bovendien leert onderzoek dat artsen zich slecht aan de voorschriften houden, dat patiënten weinig weten van resistentie en dat er steeds meer antibiotica onderhands via internet te koop zijn. Daardoor krijgen de bacteriën alle gelegenheid om resistent te worden.
Maar publiekscampagnes kunnen ook averechts werken, merkte microbiologe Vandenbroucke op. In België greep het farmaceutische concern Bayer een campagne tegen overmatig antibioticagebruik aan om reclame te maken voor het antibioticum moxifloxacine. Bayer wees erop dat er ‘geen bewijs’ is dat moxifloxacine resistentie in bacteriën opwekt. “De verkoop van dat middel was torenhoog,” zei Vandenbroucke, overigens zonder het middel of de fabrikant bij naam te noemen.
Maarten Keulemans