Zevende zintuig overboord

Feromonen en reuk één pot nat

Communiceren ook mensen met feromonen - een soort seksuele lokstoffen?
Zoom
Communiceren ook mensen met feromonen - een soort seksuele lokstoffen?

Mensen verleiden en bewerken elkaar met feromonen – een soort seksuele signaalstoffen. Sceptische wetenschappers wijzen echter op gebrek aan bewijs; mensen missen hiervoor het zevende zintuig. Nieuw onderzoek suggereert een compromis: wellicht communiceren ook wij met lokstoffen, maar via het gewone reukzintuig.

Hoeveel zintuigen hebben we nu eigenlijk? De vijf bekende zijn gehoor, zicht, reuk, smaak en tast. Het evenwichtsorgaan telt officieel ook mee, dus dat is zes. Maar al kent het menselijk lichaam weinig raadselen meer, er is nog steeds geen zekerheid of wij mensen een zevende zintuig hebben voor feromonen – een soort vliegende hormonen waarmee we seinen en manipuleren. Deze chemische signalen – uitgescheiden via zweet, urine of speciale klieren – gaan meestal over seks. Een extreem voorbeeld is de zijdemot: slechts enkele moleculen van de vrouwelijke signaalstof bombykol doen de mannetjesmotten op hol slaan. Ze vliegen dan kilometers ver om dat ene vrouwtje te traceren, een dansje te doen en hopelijk met haar te paren. Maar ook mannetjes-knaagdieren raken opgewonden van de lokstoffen van hun ovulerende vrouwtjes; hun testosterongehalte schiet direct omhoog. Of het nu gaat om muizen of olifanten, de meeste zoogdieren hebben hiervoor een speciaal, zevende zintuig. Deze feromonen-detector (het vomeronasale orgaan) is een dun buisje met een opening in de neusholte, vlakbij het neusgat. Het staat los van het geurzintuig, dat hoger en dieper in de neusholte zit. Zintuigcellen in het buisje herkennen de feromonen en sturen de boodschap door naar een apart gebiedje in de hersenen. Al jarenlang woedt een wetenschappelijk welles-nietes of ook mensen elkaar via deze onbewuste kanalen bewerken. Absoluut, zeggen sommige wetenschappers, die overigens meer dan eens banden blijken te hebben met bedrijfjes in liefdes-elixers (google maar eens op ‘pheromone’ en je ziet dat met één druk op hun spuitbus, betrouwbare mannen of gewillige vrouwen in de rij zullen staan). Maar ook commercieel onverdachte wetenschappers zijn overtuigd. Zo toonde Martha McClintock, hoogleraar biopsychologie aan de universiteit van Chicago, enkele jaren geleden aan dat een geurloos extract van vrouwelijk okselzweet, de eisprong van andere vrouwen bijstuurt. Dat verklaart waarom in bijvoorbeeld kloosters, vrouwen opvallend vaak tegelijk ongesteld zijn. Andere rariteiten waarvan feromonen de hoofdverdachte zijn, zijn de regelmatiger eisprong van vrouwen die veel tijd doorbrengen met mannen, en de hormonale veranderingen van aanstaande vaders die vaak bij hun zwangere vrouw zijn. Een gewoner voorbeeld: parfum. Al belooft de reclame bloesemgeuren en houtige ondertonen, het rozenwater dient soms vooral om de dierlijke, seksuele lokstoffen zoals muskus te maskeren. Andere onderzoekers zijn echter strenger. Ze eisen anatomische bewijzen. En die zijn onvolledig. Waarom, bijvoorbeeld, heeft niemand de zenuwen gevonden die dat buisje in onze neus met de hersenen verbinden? Gedurende de evolutie, denken die wetenschappers, zijn we de feromoonverwerkende machinerie grotendeels verloren, zo rond de tijd dat we leerden om goed te zien. Dat halfbakken buisje in onze neus is niet meer dan een oud restant, een soort blindedarm van de chemische communicatie. Nieuw onderzoek wijst erop dat de twee kampen wellicht een compromis kunnen sluiten. Misschien ontberen we zo’n feromoonsysteem, maar kunnen we elkaar toch chemisch verleiden. Bepaalde feromonen prikkelen namelijk hersencellen voor reuk, vertelde onderzoeker Larry Katz van de Amerikaanse Duke University Medical Center deze week op een neurowetenschappelijk congres in New Orleans. Muizen die urine tegenkomen, vertelde Katz, weten dankzij het feromonen-gebiedje in hun hersenen feilloos of ze met een mannetje of vrouwtje van doen hebben. Maar toen ze de reukhersenen erop naplozen, vonden Katz en zijn collega Dayu Lin ook in de reukhersenen cellen die specifiek mannetjes-urine herkennen, andere cellen die juist op vrouwtjes-urine reageren. Door vervolgens één voor één de honderden urine-componenten te testen, ontdekten ze dat slechts enkele stofjes die kritische reukcellen prikkelen. Katz en Lin werden vooral enthousiast toen bleek dat die stofjes bekend staan als feromonen. “Het is het eerste directe bewijs dat feromonen de reukhersenen prikkelen”, aldus Katz. “Dit zou kunnen verklaren waarom mensen feromonen waarnemen en erop reageren.” Wellicht is bij mensen de grens tussen geuren en feromonen vervaagd. Zo’n vreemde samenvoeging is dat niet; geurstoffen zijn immers ook een vorm van chemische communicatie. Andere recente studies wijzen ook in de richting van versmelting: sommige geurstoffen prikkelen bij ons hersengebieden, die bij andere zoogdieren voor feromonen worden gebruikt. De resultaten kloppen met praktische ervaringen: soms kunnen we feromonen ruiken. Zo moest McClintock uit Chicago in haar onderzoeken kruidnagel aan de vloeistoffen toevoegen, omdat sommige proefpersonen anders konden ruiken welke bekertjes feromonen bevatten. Dus feromoonzintuig of niet: als het aan Katz ligt, twisten we niet langer over het zevende zintuig, maar spreken we van zintuig zes-a. Simone de Schipper Dayu Lin, Lawrence C. Katz: Main olfactory bulb detection of social recgnition cues present in mouse urine. Society for Neuroscience 2003. Abstract No. 340.11 (online). Presentatie: New Orleans, maandag 10 november 2003.