Hoe vertel ik het ET?

Buitenaardsen leren liefde kennen

De plaquette aan boord van de Pionier: tot dusver een van de weinige boodschappen van de mens aan het heelal.
Zoom
De plaquette aan boord van de Pionier: tot dusver een van de weinige boodschappen van de mens aan het heelal.

Niet dat er directe aanleiding voor is, maar dit weekeinde buigt een groep wetenschappers zich over de vraag hoe de mens zou moeten communiceren met buitenaardse wezens. Centrale vraag op de bijeenkomst: hoe vertel ik ET dat aardbewoners eigenlijk heel aardige, altruïstische wezens zijn?

Je moet er toch niet aan denken dat er uitgerekend een dezer dagen een vliegende schotel vanuit het heelal komt aanzwieren. De inzittenden van het ruimtevaartuig mochten eens een rare indruk van ons krijgen – zeker als ze gaan kijken wat die rookpluimen bij de Iraakse stad Basra voor bakens zijn. Dikke kans dat de buitenaardsen onze planeet bestempelen als primitieve oorlogsplaneet. Nooit meer terugkomen, op deze woestenij vol begasmaskerde idioten. Twintig wetenschappers, filosofen en kunstenaars komen dit weekeinde bijeen in Parijs om te praten over de communicatie met buitenaardse wezens. De vraag die op de agenda staat: hoe zou je een buitenaards wezen duidelijk maken dat mensen eigenlijk heel altruïstische wezens zijn? Je zou het gezien het tumult op het wereldtoneel niet zeggen, maar volgens de initiatiefnemers is opofferingsgezindheid een van de trekjes die de mens menselijk maakt. Het is de tweede keer dat de denktank bijeenkomt. Vorig jaar stond centraal hoe je aan ET zou uitleggen wat mensen met ‘schoonheid’ bedoelen. Misschien dat zulke dingen ooit van pas komen: er mocht eens een glimmende, buitenaardse machine neerstrijken naast het Witte Huis. Maar ook wetenschappers die helemaal niet geloven in groene mannetjes zijn geïnteresseerd. Want ga er maar aan staan. Hoe leg je het aan met een wezen dat geen enkele menselijke taal spreekt? Een wezen, dat misschien beschikt over heel andere zintuigen en expressiemogelijkheden dan de diersoort mens? Als je het hebt over praten met buitenaardse wezens, gaat het al snel over diepe vragen als wat een mens eigenlijk tot mens maakt, en of er zoiets bestaat als een voor iedereen begrijpbare ‘universele taal’. De afgelopen dertig jaar is er dan ook een heus takje van wetenschap ontstaan rond de communicatie met ET. Het onderzoek wordt gedaan door wiskundigen, linguïsten, radiodeskundigen, astronomen, informatici en psychologen. De regie is in handen van SETI, het beroemde onderzoeksproject dat het heelal afzoekt naar radiosignalen van buitenaards leven. Het startschot kwam in 1972. In dat jaar werd de Pionier 10 gelanceerd, een ruimtesonde die na een tocht langs de planeten het zonnestelsel zou verlaten. Onder leiding van astrofysicus Carl Sagan gaf de mensheid de Pionier een ansichtkaart mee: een plaquette met daarop twee lachende, zwaaiende mensen, plus een plattegrond van het zonnestelsel. Vijf jaar later zouden de Voyager-sondes een cd meekrijgen met onder meer foto’s, muziek en mensenstemmen. Maar dergelijke vrolijkheid schetst misschien een iets te rooskleurig beeld – alsof de aarde louter wordt bevolkt door lachende, zwaaiende, muziekmakende lieverds. Ter vergelijking: de Voyager-cd bevat ook een toespraak van Kurt Waldheim, destijds secretaris-generaal van de Verenigde Naties, maar daarna veroordeeld wegens oorlogsmisdaden in Nazi-Duitsland. “De pogingen tot communicatie die we tot dusver hebben ondernomen, lieten vooral de positieve kant van mensen zien”, geeft SETI-psycholoog Douglas Vakoch toe tegenover de nieuwsdienst van het blad Nature. “Er was geen armoede of oorlog of een atoompaddestoel. Wij willen rekening houden met de reikwijdte van de menselijke ervaring.” Wie een begrip als ‘altruïsme’ wil uitleggen, moet wat Vakoch betreft ook aangeven dat er achter zelfopoffering vaak gewoon eigenbelang zit. Mensen doen vaak goede daden om daar later iets voor terug te krijgen. Intussen is de praktijk dat SETI al jaren met opheffing wordt bedreigd. Het project spreekt wel tot de verbeelding, maar kost ook al tientallen jaren lang geld, zonder dat het zoeken naar radiosignalen van buiten de aarde ooit iets heeft opgeleverd. Toch zet SETI de speurtocht voort. De komende week mag SETI de grootste radiotelescoop ter wereld – de Arecibo-telescoop in Puerto Rico – gebruiken om honderdvijftig plekjes in het heelal te beluisteren die te boek staan als ‘interessant’. “Er is een kans van een op tienduizend dat we een buitenaardse beschaving vinden”, zegt projectleider Dan Wertheimer er maar meteen bij. “We hebben een kans om ET te vinden. Maar we houden onze adem niet in tot het zover is.” Gelukkig is er nog een andere manier om buitenaards leven op het spoor te komen. Planeten zoals de aarde sturen immers groenblauwig licht het heelal in, dat voor kenners onmiskenbaar het schijnsel is van een atmosfeer die levende wezens bevat. Onze planeet is al een miljard jaar lang duidelijk te herkennen als levende planeet. Over een jaar of tien, vijftien denken astronomen hetzelfde te kunnen doen met planeten buiten het zonnestelsel. Tegen die tijd wordt een reeks geavanceerde telescopen in gebruik genomen die de atmosfeer van andere planeten bestuderen op voor leven noodzakelijke gassen als zuurstof, koolstofdioxide en stikstof en op infraroodstraling, kenmerkend voor de aanwezigheid van groene planten. ET mag dan niet van zich laten horen – misschien kunnen we hem straks gewoon zien. Maarten Keulemans, NOS Online