Goedkope genkaas

Kloonkoe maakt krachtmelk

Wetenschap: cjd BSE koe prion
Zoom
Wetenschap: cjd BSE koe prion

Goedkopere kaas en voedzamere melk. Volgens Nieuw-Zeelandse onderzoekers ligt dat in het verschiet, nu ze er als eerste in zijn geslaagd de ‘melkgenen’ van de koe te veranderen. De melk die hun koeien geven is, wegens extra eiwitten, speciaal geschikt om snel grote hoeveelheden kaas uit te maken.

Met behulp van genetisch veranderde koemelk kan er sneller meer kaas woren gemaakt, zo beweert een Nieuw-Zeelands onderzoeksteam. De melk bevat namelijk grotere hoeveelheden van het eiwit dat ervoor zorgt dat kaasstremsel samenklontert en wei, het waterige restproduct van melk, zich afscheidt. De onderzoekers denken dat het nog een jaar of vier duurt voordat hun genetisch aangepaste dieren op grote schaal in de veeteelt kunnen worden toegepast – en nog een jaar of tien voordat de bijbehorende, verbeterde zuivelproducten in de winkel liggen. Critici vragen zich echter af of het ooit wel zo ver komt. De weerzin van consumenten tegen genetisch aangepaste producten is immers groot. Bovendien moeten de nieuwe zuivelproducten nog worden goedgekeurd door de talloze Keuringsdiensten van Waren die de wereld telt. De onderzoekers zelf hebben daarin alle vertrouwen. De melk die ze hebben ontwikkeld bevat namelijk precies dezelfde bestanddelen als gewone melk – er zitten alleen meer van de eiwitten in die een hoofdrol spelen bij het kaasmaken, de zogeheten caseïne-eiwitten. De genetisch aangepaste koeien die tot dusver het daglicht zagen, geven melk waarin geneesmiddelen zitten – een techniek die voor het eerst werd uitgeprobeerd op de Leidse stier Herman. Bovendien, zo benadrukken de onderzoekers, selecteren veehouders al eeuwenlang op koeien die caseïne-rijke melk geven. “Kaas ís in feite caseïne”, licht hoofdonderzoeker Goötz Laible toe. “Meer caseïne is beslist van waarde voor de veeteelt, omdat boeren worden betaald naar de hoeveelheid caseïne die in hun melk zit.” Samen met zijn collega’s van het Nieuw-Zeelandse biotechnologiebedrijf AgResearch ontwikkelde Laible in het laboratorium een aantal cellijnen met daarin tot 39 extra kopieën van de genen die coderen voor caseïne. De kernen van die cellen brachten ze vervolgens in in koeieneitjes. Van de elf gezonde klonen bleken er negen meer caseïne te produceren. De koeien produceren nu melk met 8 tot 20 procent meer ‘bèta-caseïne’, het eiwit dat verantwoordelijk is voor de vorming van stremsel en wei. Van het eiwit ‘kappa-caseïne’, dat onder meer het gedrag van de melk bij opwarming regelt, wordt tot twee keer zoveel geproduceerd. De onderzoekers rapporteren hun resultaten vandaag in het vakblad Nature Biotechnology. Volgens de onderzoekers is speciale melk voor de kaasproductie nog maar het begin. Nu eenmaal duidelijk is dat de aanmaak van caseïne kan worden gestuurd, kan er misschien ook worden gewerkt aan zuivel die voedzamer of langer houdbaar is. Waarbij overigens wel moet worden aangetekend dat genetische modificatie een ingewikkeld proces is, waarvan de precieze uitkomst heel lastig is te sturen. Maarten Keulemans B. Brophy et al., 'Cloned transgenic cattle produce milk with higher levels of beta-casein and kappa-casein'. In: Nature Biotechnology, DOI 10.1038/nbt783 (2003)