Supermaya's
Traptreden onthullen geschiedenis

- Zoom
- Een reconstructie van de piramide in Dos Pilas, met in rood de traptreden die na de orkaan van vorig jaar werden ontdekt. Geel zijn de treden die al eerder opdoken (foto John R. Anderson Jr/AP).
Nieuw ontdekte inscripties van de Maya’s doen vermoeden dat het Midden-Amerikaanse indianenrijk ten onder ging aan een strijd tussen twee steden die het Mayarijk als supermachten beheersten.
In augustus vorig jaar trok een orkaan door het regenwoud van Guatemala, dwars door de resten van het Mayadorp Dos Pilas. Toen onderzoekers de schade kwamen opnemen, zagen ze tot hun vreugde dat de storm enkele stenen traptreden met inscripties had blootgelegd. Eerder waren al acht van zulke treden gevonden, die deel hadden uitgemaakt van een piramide. Het verhaal dat op die treden stond geschreven was soms onduidelijk, zodat er met de ontdekking van de nieuwe treden hoop kwam op een volledige lezing van de gebeurtenissen.
De hiëroglyfen vertellen over het leven van Balaj Chan K’awiil, die in de zevende eeuw na Christus over Dos Pilas heerste. Uit de eerste acht treden was opgemaakt dat hij op voet van oorlog leefde met de grote stad Tikàl, ruim 100 kilometer van Dos Pilas vandaan. K’awiil, stond er geschreven, nam deel aan verschillende ceremonieën in Tikàl. Mayadeskundigen namen altijd aan dat hij daartoe gedwongen werd door de koning van Tikàl – die tevens K’awiils broer was.
Maar nu de nieuwe hiëroglyfen zijn ontcijferd, blijkt de geschiedenis toch iets anders in elkaar te zitten. Goed, K’awiil en de koning van Tikàl waren inderdaad broers, maar aanvankelijk hadden die een nauwe vriendschapsband. Dos Pilas, gelegen aan de rivier Pàsion, blijkt in het jaar 629 te zijn gesticht door Tikàl. Het was een militaire post die de rivier – de ‘snelweg’ van de Maya’s – tegen vijanden moest beschermen. K’awiil was ten tijde van de stichting vier jaar oud, maar werd wel meteen als heerser geïnstalleerd.
K’awiil werd een groot krijger, vertelde Mayadeskundige Federico Fahsen van de Vanderbiltuniversiteit in de Amerikaanse media. Fahsen ontcijferde de nieuwe inscripties, en las bijvoorbeeld dat K’awiil niet gedwongen, maar vrijwillig aan de ceremonieën in Tikàl deelnam. De oorlog met Tikàl begon pas toen Dos Pilas was veroverd door Calakmul, een andere grote stad, en een gezworen vijand van Tikàl. De Calakmullen verbanden K’awiil uit Dos Pilas. Een jaar later echter keerde hij alweer terug en hervatte zijn regering, maar nu als een marionet in dienst van Calakmul.
Desalniettemin schrijven de hiëroglyfen K’awiil grote roem toe. Door de ommezwaai vocht hij nu tegen zijn broer in Tikàl, een strijd die twaalf jaar duurde, en eindigde met een overwinning voor K’awiil. Het hoofd van broerlief werd met de hoofden van twaalf andere Tikàledelen op palen gespietst in een bloedig tafereel, aldus de inscripties, die eindigen met de mededeling dat K’awiil ‘de overwinningsdans danste’.
De nieuwe hiëroglyfen doen vermoeden dat Calakmul en Tikàl twee ‘supermachten’ van de Mayawereld waren, meent archeoloog Arthur Demarest, die met Fahsen samenwerkt. Die theorie hadden onderzoekers al eerder opgesteld, omdat er steeds meer aanwijzingen komen dat verschillende Mayadorpen en kleine stadjes of aan Calakmul, of aan Tikàl waren gelieerd – vergelijkbaar met de NAVO-landen en de landen van het Warschaupact die tijdens de Koude Oorlog in dienst stonden van respectievelijk Amerika en de Sovjet-Unie.
Uiteindelijk won overigens niemand de oorlog in het Mayarijk. Tikàl krabbelde na de nederlaag weer op, en versloeg in 695 Calakmul. Maar het was een Pyrrusoverwinning, want de stad kon zijn voormalige invloed niet herstellen. “Voor een buitenstaander lijkt het alsof op dat moment een nieuw, vreedzaam rijk gesticht had kunnen worden, maar dat gebeurde niet,” stelt Demarest. In plaats daarvan etterden de oude conflicten door en wilde iedereen de heerser over alle Maya’s worden. Dat lukte niemand, en van de Maya’s bleef na 800 niet veel over – de Spanjaarden die 700 jaar later kwamen, stuitten alleen nog op enkele kleine, geïsoleerde Mayastadjes. Dos Pilas zat daar niet bij: in 760 trokken de laatste inwoners weg, waarschijnlijk op de vlucht voor vijanden.
Marc Koenen